logo

U bent hier

Waarschuwingsbericht

Opgelet! Dit event heeft al plaatsgehad.

Consolidation of episodic memory traces: The influence of d-amphetamine on item memory and context features

donderdag, 28 juni, 2007 - 18:00
Campus: Brussels Humanities, Sciences & Engineering campus
Faculteit: Psychology and Educational Sciences
D
0.07
Inge Zeeuws
doctoraatsverdediging

Hoe informatie wordt opgeslagen in het geheugen is nog steeds een vraag die velen bezighoudt. De rol die het geheugen in het menselijk functioneren speelt is dan ook niet te onderschatten. Het omvat drie belangrijke aspecten, namelijk het leren, consolideren en ophalen van informatie. Leren is het proces waardoor nieuwe kennis in de hersenen wordt opgeslagen. Consolidatie verwijst naar een proces dat ervoor zorgt dat de opgenomen kennis na het leren verder verankerd wordt in het lange-termijn geheugen. Tot slot, moet kennis die in het geheugen is opgeslagen ook weer worden teruggeroepen en opgehaald.

In ons labo werd reeds aangetoond dat een acute toediening van d-amfetamine leidt tot een verbeterde lange-termijn geheugenopslag. Uit voorgaand onderzoek blijkt dat het leren van de informatie niet door de drug werd beïnvloed. Op basis van deze studies kon echter geen uitspraak gedaan worden of de verbeterde geheugenprestatie dan wel toe te schrijven was aan een effect van amfetamine op het consolideren of eerder het ophalen van de informatie. Om deze vraag te beantwoorden werd in een eerste fase van het doctoraatsonderzoek het aantal ‘ophaal-momenten’ gemanipuleerd in verscheidene studies. De resultaten toonde aan dat de verbeterde geheugenprestatie veroorzaakt wordt door een invloed van de drug op het consolideren van informatie eerder dan op het ophalen van de informatie uit het geheugen.

Opmerkelijk was dat er een verschillend tijdsverloop van het drug effect werd gevonden bij herinnerings- en herkenningstaken. Zo werd een positief effect op de geheugenprestatie aangetoond in herinneringstaken één uur na het leren, terwijl dit effect pas werd gevonden één week na het leren in een herkenningstaak. Een belangrijk verschil tussen beide taken is de mate van contextafhankelijkheid, waarbij context een grotere rol speelt bij het herinneren van in vergelijking met het herkennen van de geleerde informatie. Het verschillend tijdsverloop van het drug effect, laat daarom vermoeden dat amfetamine naast item informatie tevens de opslag van context kenmerken positief beïnvloedt en zo voor een sterkere beïnvloeding zorgt in een herinneringstaak. In een tweede fase van dit doctoaarsonderzoek, werd deze hypothese getoetst. Hierbij werden verschillende kenmerken gemanipuleerd zoals verbale, temporele, spatiele en visuele. De resultaten toonde aan dat amfetamine de lange-termijn geheugenopslag verbeterd van verbale en temporele kenmerken, terwijl de invloed op spatiele en visuele kenmerken minder eenduidig was. Samengevat, de resultaten toonde aan dat niet alle kenmerken op een zelfde manier door d-amfetamine beïnvloedt worden, hetgeen laat vermoeden dat de consolidatie van de verschillende kenmerken niet dezelfde is.