logo

U bent hier

Foutmelding

Warning: igbinary_unserialize_object_properties: unknown key type '6d', position 2097116 in _dmemcache_get_pieces() (line 340 of /var/www/local/vub/app/releases/20/www/sites/all/modules/contrib/memcache/dmemcache.inc).

Waarschuwingsbericht

Opgelet! Dit event heeft al plaatsgehad.

Headache and neck pain. Diagnostic and prognostic implications

woensdag, 29 oktober, 2008 - 18:00
Campus: Brussels Health Campus
Faculteit: Physical Education and Physiotherapy
auditorium P. Brouwer
Willem De Hertogh
doctoraatsverdediging

Hoofdpijn komt vaak voor in combinatie met nekpijn. Dit is het geval bij meerdere
hoofdpijnvormen, zoals migraine, spanningshoofdpijn en cervicogene hoofdpijn. In deze
thesis trachten we inzicht te verkrijgen in deze combinatie van hoofd- en nekpijn. Er
werd enerzijds onderzoek verricht naar het meten van cervicale dysfuncties en anderzijds
naar het effect en prognostische factoren van twee behandelstrategieën in de
eerste lijn.

Het meten van cervicale dysfuncties

In de klinische praktijk worden vaak manuele onderzoekshandgrepen gebruikt om mensen
met nekpijn of nekgerelateerde klachten te onderzoeken. We onderzochten de validiteit
van een klinisch onderzoek, bestaande uit enkele manuele onderzoekshandgrepen,
aangevuld met pijnschalen en een specifieke vragenlijst over de impact van nekklachten
op het dagelijks functioneren.

Een geblindeerde onderzoeker bleek in staat om, op basis van dit functieonderzoek, het
onderscheid te maken tussen mensen met nekklachten en asymptomatische controlepersonen.
Hieruit blijkt de discriminatieve validiteit van de onderzochte tests, wat een
onderbouwing biedt voor de bruikbaarheid ervan in de dagelijkse praktijk.

We onderzochten of het houding- en bewegingsgevoel van de nek, de cervicale kinaesthesie,
gestoord is bij patiënten met CErvicogene Hoofdpijn (CEH). Cervicale kinaesthesie
wordt gemeten door middel van een repositioneringstaak: proefpersonen dienen een
vooraf gememoriseerde hoofdpositie zo nauwkeurig mogelijk terug in te nemen na het
uitvoeren van een actieve beweging. De fout die gemaakt wordt bij deze repositionering
is de maat voor de kinaesthesie. We vergeleken de cervicale kinaesthesie van patiënten
met CEH met die van asymptomatische controlepersonen. Er werden geen significante
verschillen tussen beide groepen gevonden. Op dit ogenblik zijn er dus geen aanwijzingen
voor een gestoorde cervicale kinaesthesie bij CEH patiënten. De diagnostische en
therapeutische mogelijkheden van deze meting blijken dus voor CEH patiënten beperkt.

De behandeling van mensen met hoofdpijn en nekklachten

Er werd een pragmatische gerandomiseerde klinische trial uitgevoerd met twee doelen.
Vooreerst werden twee behandelstrategieën in de eerste lijn met mekaar vergeleken.
Deze twee behandelstrategieën zijn enerzijds de zorg van de huisarts en anderzijds de
zorg van de huisarts aangevuld met manuele therapie. Vervolgens werd gezocht naar
prognostische indicatoren, zijnde kenmerken die de kans op succes van een behandeling
voorspellen.

Patiënten met weerkerende hoofdpijn en nekpijn werden gerekruteerd via een multi
center setup. Bij aanvang van de studie vulden alle deelnemers verschillende vragenlijsten
in, er werden pijn detectiedrempels gemeten en een manueel functieonderzoek van
de nek werd uitgevoerd. Nadien werden de deelnemers at random verdeeld over beide
behandelgroepen. De ene groep onderging de behandeling bij de huisarts (conform de
NHG standaard), in de tweede groep werd dit aangevuld met manuele therapie (mobilisaties,
oefeningen, houdingsadviezen en oefeningen). Er werden opvolgmetingen uitgevoerd
na 7, 12 en 26 weken.

In totaal werden 37 mensen geïncludeerd en gerandomiseerd. Het totale aantal deelnemers
bleef laag ondanks het gebruik van verschillende rekruteringsstrategieën. In het
proefschrift wordt uitvoerig ingegaan op deze rekruteringsproblemen en de gevolgen
ervan voor de interpretatie van de resultaten.

Uit de resultaten bleek toch dat de patiënten in beide groepen gunstig evolueerden. Er
werden echter geen significante verschillen gevonden tussen beide behandelgroepen.

Voorts konden verschillende variabelen worden geïdentificeerd met een voorspellende
waarde voor het effect van de therapie. Opvallend was dat mensen met kenmerken van
spanningshoofdpijn, met hogere waardes op de pijndrempelmetingen een verhoogde
kans op een succesvol behandelresultaat hebben. Anderzijds bleek dat mensen met kenmerken
van migraine een lagere kans op een succesvol behandelresultaat hebben. Ook
verschillende nekgerelateerde nekparameters, zoals hoge nekpijn intensiteit en provoceerbaarheid
van de hoofdpijn door nekbewegingen, bleken geassocieerd te zijn met een
lagere kans op een succesvolle behandeling.

Uit deze resultaten blijkt het belang van een correcte diagnose. Specifieke aandacht
voor nekgerelateerde parameters is nodig, aangezien deze gerelateerd blijken te zijn aan
een lagere kans op een succesvolle behandeling.

Bijlage: 
PDF icon 200810291i.pdf