logo

U bent hier

Waarschuwingsbericht

Opgelet! Dit event heeft al plaatsgehad.

Osmose, dwang en tegenmacht? De verhoudingen tussen de openbare besturen in Brussel, 1970-2004

dinsdag, 22 april, 2008 - 14:00
Campus: Brussels Humanities, Sciences & Engineering campus
Faculteit: Arts and Philosophy
D
0.03
Joost Vaesen
doctoraatsverdediging

Brussel heeft steeds een cruciale rol vervuld in het Belgisch bestuurlijk systeem, tot op de dag van vandaag. Met de impact van de regionalisering en later de opkomst van grootsteden binnen de geglobaliseerde samenleving kreeg deze kwestie een bijkomende amplitude.

De positie en de werking van Brussel hebben aanleiding gegeven tot menig vurig debat, maar paradoxaal genoeg tot weinig wetenschappelijk onderzoek. Daardoor konden en kunnen mythen en vooroordelen over Brussel welig tieren. Met dit doctoraal proefschrift werd voor de eerste maal een evaluatie gemaakt van de structuren van Brussel en de bestuurlijke praktijken. Steunend op literatuur en modellen uit verschillende disciplines en op een brede en rijk gestoffeerde waaier van onuitgegeven bronnen, uitgegeven documenten en interviews werd een analyse gemaakt van de wisselwerking tussen de Brusselse openbare besturen. Daarbij is er niet alleen aandacht voor de formele interacties, maar eveneens voor de informele processen en de beleidsconcepten.

Dit proefschrift biedt een kijk op de impact van de federalisering (o.a. het belang van het Brussels Gewest), de complexe Brusselse organisatie (cf. de kwestie van de 19 gemeenten en de vele sub-nationale besturen), de (her)verdeling van bevoegdheden, de greep op de gemeentefinanciën en de zoektocht naar nieuwe interactiemechanismen (zoals de contractualisering en specifieke subsidies). Door te onderzoeken op welke manieren beleidsmakers met elkaar omgingen, wordt tegelijk inzicht verschaft in de processen van samenwerking en conflict, participatie, conflictbeheersing en conflictreductie die gedurende de hele periode van toepassing waren in het politiek sterk verdeelde Brussel. Door een breed diachronisch perspectief te hanteren kon beantwoord worden aan de vraag van continuïteit en discontinuïteit.

Kortom, via de analyse van de organisatie van het complex Brussels model en het gevoerde beleid werd een evaluatie gemaakt van de werking en de disfuncties van het systeem, waardoor tegelijk een aantal belangrijke uitdagingen voor de toekomst van Brussel duidelijk worden.