logo

U bent hier

Waarschuwingsbericht

Opgelet! Dit event heeft al plaatsgehad.

Essays on strategic fiscal policy in Flemish municipalities

dinsdag, 27 januari, 2009 - 17:00
Campus: Brussels Humanities, Sciences & Engineering campus
Faculteit: Social Sciences and Solvay Business School
D
0.05
Stijn Goeminne
doctoraatsverdediging

Het onderzoek in dit doctoraat betreft de fiscale politiek in Vlaamse gemeenten in het algemeen en strategische fiscale politiek in het bijzonder. Dit doctoraat bevat vier empirische onderzoeken.

In het eerste onderzoek worden de determinanten van de tarieven van de aanvullende personenbelasting (APB) en de opcentiemen op de onroerende voorheffing (OOV) simultaan geschat. Het Hettich & Winer tax structure model (1984, 1988, 1999) geeft aan dat het fiscaal beleid opportunistisch gekleurd is. Politici laten zich namelijk leiden door hun betrachting om herverkozen te worden, bijvoorbeeld door belastingen te verlagen of het niveau van de publieke goederen en diensten te verhogen. Bij de studie van belastingtarieven dient dan ook bijzondere aandacht besteed te worden aan de politieke determinanten. We testen achtereenvolgens de impact van ideologie, van fragmentatie, van de sterkte van het bestuur, van buureffecten, van verkiezingscycli en van fiscale illusie op de APB- en OOV-tarieven over een periode van meer dan 10 jaar. Terwijl in de literatuur traditioneel één van die politieke determinanten wordt getest, worden deze determinanten in dit hoofdstuk gezamenlijk in één model onderzocht. De analyse geeft aan dat er voor beide tarieven evidentie is dat fragmentatie een rol speelt in de hoogte van de tarieven. De tarieven zakken in aanloop tot de verkiezingen en stijgen opnieuw nadien. De tarieven van buurgemeenten zijn determinerend voor de tarieven van de eigen gemeente. Bovendien wordt fiscale illusie -weliswaar niet in alle vormen- vastgesteld voor beide tarieven. Betreffende ideologie zien we dat linkse besturen hogere APB-tarieven opleggen, terwijl rechtse besturen hogere OOV-tarieven heffen. Tenslotte stellen we lagere APB-tarieven vast in gemeenten met een sterke meerderheid.

Politici mogen dan wel herverkiezing nastreven, ze kunnen ook falen in deze betrachting. De verwachting niet herverkozen te worden, kan dan tevens determinerend zijn voor het fiscaal beleid. Inderdaad, wanneer politici geen herverkiezing verwachten, kan opportunistisch gedrag omslaan in strategisch gedrag met als doel de beleidsruimte van de opvolgers te gaan beperken. Dergelijk strategisch gedrag staat centraal in de resterende hoofdstukken van dit doctoraat. De literatuur omtrent strategische schuld gaat na of de fiscale politiek van een bestuur wijzigt wanneer het verwacht niet te worden herverkozen. Wij vinden gedeeltelijk evidentie voor het Persson & Svensson (1989) model. Deze auteurs verwachten dat een rechts bestuur dat geen herverkiezing verwacht de schuld zal verhogen. In het algemeen geldt dat linkse besturen prefereren om de publieke uitgaven uit te breiden. Rechtse besturen kunnen de marge van het opvolgend linkse bestuur om de uitgaven effectief uit te breiden beperken, door nog voor de verkiezingen de schuld op te bouwen. De terugbetaling van de schuld en de intrestkosten zullen de financiële marge van het opvolgend linkse bestuur beperken, wat hen belemmert de publieke goederen en dienstverlening uit te breiden. Omgekeerd zullen linkse besturen de schuld afbouwen om extra marge te creëren voor het opvolgend rechtse bestuur zodat die meer publieke uitgaven kan verrichten dan ze normaal zou doen. Onze analyse in hoofdstuk 3 bestudeert de verandering van de gemeentelijke schuld in de verkiezingsjaren 1988, 1994 en 2000 en geeft aan dat enkel linkse besturen die verwachten niet herverkozen te worden overgaan tot strategische schuldpolitiek. Bovendien stellen we vast dat voornamelijk gefragmenteerde besturen strategisch handelen en dat dit strategisch gedrag geobserveerd wordt wanneer het zetelend bestuur minder dan 49% van de stemmen verwacht bij de komende verkiezingen. Voor het bepalen van die inschatting van de herverkiezingskans baseren we ons op de vote-functie van Vermeir & Heyndels (2006).

Eén manier om de schuld te wijzigen is -ceteris paribus- de belastingtarieven aanpassen. We onderzoeken in hoofdstuk 4 de verandering van de APB- en OOV-tarieven in verkiezingsjaren en gaan na of die gedetermineerd worden door de verwachte verkiezingsresultaten. Onze resultaten geven aan dat geen van de gemeenten de APB laat stijgen in verkiezingsjaren en dat de belastingverminderingen omvangrijker zijn naarmate het verwachte stemmenpercentage daalt. Deze bevinding correspondeert met de verwachtingen van de strategische schuldmodellen. We zien echter dat niet enkel de besturen met een laag verwacht stemmenpercentage de tarieven laat zakken, maar ook besturen die onzeker zijn omtrent hun herverkiezing. Inderdaad, een tariefdaling kan ook volgen uit opportunistisch gedrag. Een tariefdaling stemt een kiezer in principe gunstig en kan het bestuur extra stemmen opleveren die ze nodig heeft om de herverkiezing mogelijk te maken. Voor de OOV is er geen evidentie dat het verwachte stemmenpercentage een rol speelt in het bepalen van het tarief.

Tenslotte wordt in hoofdstuk 5 nagegaan in welke mate de begrote belastingontvangsten afwijken van de gerealiseerde belastingontvangsten. Wanneer er meer begroot is dan er effectief wordt ontvangen leidt dit -ceteris paribus- tot een tekort, of dus een hoger schuldniveau. Het overschatten van de belastingontvangsten kan dus niet slechts op belastingtechnische gronden verklaard worden, maar is tevens vanuit de strategische schuld modellen een rationele manier van handelen. Gezien van meer gefragmenteerde besturen sneller verwacht wordt dat ze niet herverkozen worden -de huidige coalitiepartners moeten niet alleen opnieuw voldoende stemmen halen, ze moeten bovendien de coalitiegesprekken overleven- kan de verwachting geformuleerd worden dat sterker gefragmenteerde besturen de belastingontvangsten sterker gaan overschatten. Echter onze resultaten laten niet toe deze verwachting te bevestigen.

Bijlage: 
PDF icon 200901271a.pdf