Een spin-off oprichten lijkt voor veel onderzoekers een grote en risicovolle stap. Dat hoeft het volgens VUB-professor Heidi Ottevaere niet te zijn. Ondernemend denken kan niet alleen maatschappelijke en economische impact creëren, maar versterkt vaak ook het onderzoek zelf. En wie de stap naar ondernemerschap wil zetten, hoeft dat aan de VUB bovendien niet alleen te doen.
Wat houdt academici eigenlijk tegen om een spin-off op te starten?
Heidi Ottevaere: “Vooral de angst om te falen speelt een rol. Jonge academici zijn sterk met hun cv bezig. Als ze tijd investeren in een spin-off die uiteindelijk niet van de grond komt, hebben ze in die periode misschien minder gepubliceerd. De expertise die ze hebben opgebouwd, is dan moeilijker kwantitatief zichtbaar te maken.”
“Daarom zijn begeleiding en coaching zo belangrijk. Zo kunnen we de drempel aanzienlijk verlagen. Als academicus moet je beseffen dat een spin-off eigenlijk een natuurlijke vervolgstap op je onderzoek is. Je denkt na over je technologie, voor wie die relevant is en welke problemen je ermee kunt oplossen. De inzichten die je daardoor opdoet, maken je niet alleen tot een innovator, maar ook tot een sterkere onderzoeker.”
"Onderzoekers onderschatten vaak hoeveel maatschappelijke en economische impact hun technologie kan hebben"
Moet je daarvoor eerst een uitzonderlijk of geniaal idee hebben?
“Absoluut niet. In veel gevallen is een heel bijzonder of excentriek idee zelfs moeilijker, omdat de buitenwereld dan niet zo snel zal begrijpen wat het ons bijbrengt. Iets eenvoudigs waarmee je echt impact kunt creëren en het leven van mensen beter of gemakkelijker kunt maken, kan ook waardevol zijn.”
“De cruciale vragen die je jezelf dus moet stellen zijn: ‘Wat is de meerwaarde van mijn technologie? Wie kan er gebruik van maken?’ Onderzoekers onderschatten vaak hoeveel maatschappelijke en economische impact hun technologie kan hebben.”
Moet iedere onderzoeker uiteindelijk ondernemer worden?
“Nee, maar elke onderzoeker zou wel ondernemend moeten leren denken. Dat maakt je een betere onderzoeker. Ook onderzoeksprojecten waarmee je financiering probeert binnen te halen, worden sterker wanneer je duidelijk kunt maken welke impact je onderzoek kan hebben.”
Hoe helpt de VUB onderzoekers die willen ontdekken of hun onderzoek commerciële mogelijkheden heeft?
“Een belangrijke rol is weggelegd voor TechTransfer. Die dienst ondersteunt onderzoekers op verschillende vlakken: van projectfinanciering tot advies over intellectuele eigendom, valorisatiestrategieën en financieringsmogelijkheden voor een spin-off.”
“En daarnaast is er ook StartLAB. Twee postdoctorale onderzoekers uit onze groep hebben recent zo’n traject gevolgd en waren daar heel positief over. Het is laagdrempelig en laat je toe ideeën te verkennen. Je breidt je netwerk uit, pitcht voor potentiële klanten en stakeholders en krijgt praktische tools aangereikt. Dat kan de klik helpen maken: wat ik in het labo doe, kan daadwerkelijk tot een product leiden.”
Moet je dan meteen een bedrijf oprichten?
“Nee. Er bestaan trajecten die onderzoekers de tijd geven om die stap voor te bereiden. Met een VLAIO-innovatiemandaat kun je gedurende twee jaar verder werken aan onderzoek dat in het labo al is aangetoond om het dichter bij een commercieel product brengen. In die periode kun je bijvoorbeeld onderzoeken hoe je iets robuuster maakt of op grotere schaal produceert. Tegelijk krijg je tijd om een businessplan te maken en de oprichting van een spin-off voor te bereiden. Het combineert dus de technologische en de zakelijke voorbereiding met als doel om binnen twee jaar tot een nieuwe spin-off te leiden.”
"Onderzoekers die een spin-off oprichten, staan soms te ver van hun potentiële klanten"
Waarom is die voorbereiding zo belangrijk?
“Een goed businessplan maak je niet van vandaag op morgen. Je moet met heel veel mensen praten en begrijpen wat potentiële klanten belangrijk vinden. Hebben ze iets vergelijkbaars al geprobeerd? Waarom wel of niet? Waar ligt voor hen precies de meerwaarde? Onderzoekers die een spin-off oprichten, staan soms te ver van hun potentiële klanten. Dan ontwikkelen ze iets dat uiteindelijk niet helemaal is wat die klanten nodig hebben.”
Heeft jullie eigen onderzoeksgroep ervaring met spin-offs?
“Binnen Brussels Photonics hebben we samen met collega’s al drie spin-offs opgericht. Luceda Photonics, BIO INX en 4Tissue. Luceda Photonics is al het langst actief en heeft intussen veel werknemers. BIO INX ontwikkelt inkten om op nanoschaal te 3D-printen met biocompatibele materialen. 4Tissue werkt met polymeren om het lichaam te helpen op een natuurlijke manier lichaamsweefsel te herstellen en te reconstrueren.”
Is er iets wat onderzoekers met een veelbelovend idee vooral níét moeten doen?
“Het eerste wat onderzoekers vaak willen doen als ze een schitterend idee hebben, is publiceren of erover spreken op een conferentie. Mijn advies is: spreek eerst met de verantwoordelijke voor intellectuele eigendom bij TechTransfer. Die kan nagaan wat er al bestaat, zoeken in patentdatabanken en advies geven. Soms is het verstandig een idee nog even voor jezelf te houden. Want zodra iets publiek is gemaakt, kun je er geen patent meer op nemen.”
Bio
Heidi Ottevaere is professor fotonica aan de VUB en verbonden aan Brussels Photonics (B-PHOT). Ze leidt er de onderzoekseenheid biofotonica en is verantwoordelijk voor het Instrumentation and Metrology-platform. Haar onderzoek focust op fotonische componenten, optische sensoren en meetsystemen voor onder meer medische en milieutoepassingen.
Start je eigen spin-off
Heb je een interessant idee of zie je potentieel in je onderzoek, maar weet je niet goed wat er allemaal bij komt kijken als je een spin-off wil opstarten? Of ben je gewoon benieuwd welke ondersteuning er beschikbaar is? Kijk dan zeker eens wat TechTransfer of StartLab.Brussels te bieden hebben.
StartLab Academics – BUILD gaat dit nieuwe academiejaar van start met een eerste sessie op 6 oktober. Dit volledig gratis ondersteunings- en coachingsprogramma richt zich op PhD- en postdoconderzoekers met een eerste idee of onderzoeksproject. Het eerste semester biedt een eerste kennismaking met ondernemerschap binnen de academische context. In het tweede semester gaan we concreter aan de slag met het eigen onderzoeksproject, met als doel te onderzoeken of het kan uitgroeien tot een spin-off en toe te werken naar een pitch en gevalideerd businessidee. Nog niet klaar voor het volledige traject? Je kunt ook enkel het eerste semester volgen als eerste kennismaking met academisch ondernemerschap.
Het volledige programma vind je op onze website.
Nog vragen? Neem dan gerust contact op met Program Manager Maarten De Ruyck.