Hoe consumeer je AI zonder zelf waardevolle vaardigheden te verliezen? In haar column in de krant De Tijd geeft wiskundige Ann Dooms een antwoord. Gebruik AI om omslach­tige taken uit te besteden, maar blijf zelf de maker. Zet AI vervolgens in als criticus.

Hoe beïnvloedt AI ons onderwijs en hoe moeten we daarmee omgaan? Onlangs nodigde ik de Australische topwiskundige Terence Tao uit om het daarover te hebben. En zijn inzichten overstegen het onderwijs. 
Tao nam een intrigerende start door de impact van de huidige technologische doorbraken op de mens te vergelijken met de vorige in de westerse contreien. Door de Industriële Revo­lutie kregen we in de 19de eeuw spoorwegen, internationale handel en betere landbouw­technieken, en daardoor steeds minder voedselschaarste. Door de wereldoorlogen draaide alles op een lager pitje, maar vanaf de jaren 50 evolueerden we stilaan naar onze huidige overvloed aan voedsel. Tegelijk kwam er de grootschalige productie van betaalbare auto’s, waardoor de mens zich zonder inspanning over grote - maar nu ook kleine - afstanden kon verplaatsen. Zo zijn we in een ongezond, sedentair bestaan beland, wat niet zelden tot overgewicht leidt. Dat verklaart het succes van fitnesscentra en influencers met exotische diëten. 
Volgens Tao verschuift dat alles nu van het fysieke naar het cognitieve. We gaan van een wereld waarin ons hoofd gebruiken onvermijdelijk was, naar een waarin AI veel van dat werk kan overnemen. Die cognitieve overvloed biedt uiteraard veel voordelen. Grote taalmodellen kunnen veel tijd besparen door data-invoer en repetitieve taken te automatiseren, autonoom te schrijven en ingewikkelde analyses uit te voeren. De systemen worden gaandeweg betrouwbaarder door ze te laten samenwerken en gebruik te laten maken van externe hulpmiddelen.

Oefening in geduld
In het onderwijs ontstaan daardoor ver­schillende risico’s. Zo is er de veelbesproken problematiek van de evaluatie van een puur schriftelijk eindproduct. Maar zelfs als we naar procesbeoordeling en een mondelinge verdediging gaan, is er nog altijd het gevaar van wat Tao deskilling noemt, het verlies van intellectuele vaardig­heden. En dat geldt niet alleen voor studenten. 
Als we ons denkwerk voortdurend uit­besteden, kunnen onze prestaties initieel ver­beteren. Maar stilaan verzwakken we niet alleen kennis en kunde, maar ook belangrijke onderliggende vaardigheden. Wie zelf een probleem oplost, loopt vaak verloren, maar ontdekt gaandeweg wat ertoe doet door constant te oordelen en door te zetten. Als AI die inspanningen wegneemt, ver­dwijnen het beoordelingsvermogen, het omgaan met mislukking en de oefening in geduld. Dat kan ertoe leiden dat we zelfs niet meer kunnen beginnen aan een cognitieve taak zonder hulp, waardoor we ook het vermogen tot leren verleren. Daarnaast worden oplos­singen ook minder creatief en divers, want alle modellen geven vergelijk­bare ‘gemiddelde’ antwoorden. Daarnaast zijn de huidige taalmodellen erg meegaand en bevestigend tijdens de interactie. We krijgen amper tegenspraak, waardoor we almaar minder gewend raken aan kritische feedback en onze corrigerende reactie daarop. Daarnaast kunnen de nog altijd aanwezige, overtuigend klinkende fouten ook ons ver­trouwen in echte deskundigheid verder ondermijnen. 
Tao pleit er daarom voor AI te consumeren zoals we dat doen met voeding. Copieus eten is onverstandig, maar een totaalverbod is onzinnig in een samenleving waarin AI alom­tegenwoordig is. Hij raadt aan AI te gebruiken volgens het blue team-red team-principe in cybersecurity. Daarbij bouwt het blauwe team iets wat het ­rode team onderuit probeert te halen. Als AI het blauwe team is, ligt het resultaat er allicht veel sneller dan als je het eigenhandig maakt, maar dan moet je zelf de rol van het rode team kunnen opnemen. Dat lukt alleen als je het eindproduct volledig zelf kan beoordelen en bijsturen. 
Een veiligere weg is zelf het blauwe team te zijn, waarbij je AI wel kan gebruiken om ­bepaalde omslachtige taken gecontroleerd uit te besteden, maar je zelf nog altijd de maker bent, waarna je AI in het rode team zet als ­criticus. Volgens Tao is dat een waardevollere manier om AI te gebruiken, die zo min mogelijk deskilling veroorzaakt. 

Ik ben in elk geval benieuwd of we over enkele jaren een shift zullen zien onder de ­influencers. Wie weet wordt onze nieuwe ge­neratie wiskundestudenten diegene die leuke cognitieve oefeningen en AI-diëten aanprijst. Een mogelijk lucratieve tip voor de 18-jarigen die nu hun studiekeuze moeten maken.