Vier toponderzoekers van Amerikaanse universiteiten versterken de komende drie jaar het klimaatonderzoek van de VUB. Eén van die vier is de Belgische dendrochronoloog Valerie Trouet. Haar expertise over boomringen en klimaatveranderingen uit het verleden is een fantastische aanvulling op het bestaande VUB-onderzoek, zegt VUB-klimaatwetenschapper Wim Thiery. Een dubbelinterview.  

Professor Valerie Trouet werkt snel een appelrozijnenkoekje naar binnen. Ze heeft haar voormiddag in de kelder van de vakgroep Water & Klimaat doorgebracht, waar ze een nieuw laboratorium in elkaar steekt. Het geld daarvoor komt van het VUB-US Research Chair programma. Dat haalt Amerikaanse topwetenschappers naar hier om samen met VUB-groepen aan klimaat- en duurzaamheidsvraagstukken te werken. De volgende stap voor Valerie is fondsen zoeken om doctoraatstudenten en postdocs aan te werven. Dat laatste is in de Verenigde Staten bijna onmogelijk geworden.

Valerie Trouet: “Ik behoud mijn betrekking aan mijn universiteit, de University of Arizona. Maar het paleoklimaatprogramma van de National Science Foundation is opgedoekt. Dat programma financierde onderzoek naar vroegere klimaatomstandigheden via natuurlijke archieven, zoals ijskernen, sedimenten en boomringen. Dat laatste is mijn onderzoeksgebied: de dendrochronologie. Die achterhaalt aan de hand van boomringen hoe warm en nat het in het verleden geweest is. Zonder dat programmageld kan ik geen masterstudenten opleiden, doctoraatsstudenten begeleiden of postdocs aanwerven. In Brussel krijg ik nu gelukkig de kans om een nieuw lab op te starten.” 

De VUB is een deeltijdse opdracht. Je blijft ook verbonden aan de universiteit van Arizona? 
Valerie: “Dat klopt. Als prof krijg je in de VS slechts negen maanden per jaar een salaris uitbetaald. Dat stopt tussen midden mei en midden augustus, wanneer er geen les wordt gegeven. Een deel van die drie maanden ga ik de komende drie jaar telkens aan de VUB doorbrengen.” 

In een interview op VUB Today klaagde VUB-glacioloog Harry Zekollari aan dat Amerikaanse onderzoekers van federale instellingen zelfs niet meer mogen meewerken aan het volgende IPCC-rapport. Zo dreigt veel kennis verloren te gaan. 
Valerie: “Veel klimaatwetenschappers zitten met de handen in het haar, zeker de jongere mensen. Aan de universiteiten valt het nog mee, maar voor collega’s bij overheidsinstellingen als de U.S. Geological Service of de U.S. Forest Service is het moeilijk. Chinese studenten aantrekken of als coauteur op een paper zetten, dat mag daar bijvoorbeeld niet meer. Zo werkt wetenschap natuurlijk niet. Ik raad mijn Amerikaanse doctoraatsstudenten en postdocs aan om naar het buitenland te vertrekken. Mijn eigen universiteit was trouwens enthousiast over de kans die ik aan de VUB krijg.”

“De VUB bokst als klimaatuniversiteit boven haar gewicht”

Valerie Trouet

Vicerector Pieter Ballon hoopt van de VUB een referentiecentrum te maken dat een brug tussen Europa en de VS slaat.  
Valerie: “In Amerika hoopt men daar ook op. Internationale samenwerking is aangewezen, zeker omdat het over een globale problematiek gaat.”  

De VUB noemt zichzelf Europese top op het gebied van klimaat, energie en duurzaamheid. Mogen we? 
Valerie: “Dat vind ik wel. Jullie halen prestigieuze ERC-grants binnen, schrijven met mensen als Harry Zekollari en Wim Thiery mee aan de IPCC-rapporten, leiden heel veel studenten op,… voor een relatief kleine groep is dat ongehoord. De VUB bokst als klimaatuniversiteit boven haar gewicht.” 

Je haalde je master in Gent en je doctoraat in Leuven. De VUB is nieuw voor jou. 
Valerie: “Helemaal nieuw. De campus is kleiner dan wat ik gewend ben. Dat maakt dat je de collega’s snel leert kennen en vergemakkelijkt administratie. Tegelijk is het een heel internationale en multiculturele universiteit, midden in Brussel. Ik vind het hier heel fijn.” 

“Met de jaarringen in archeologisch hout kunnen we een paar duizend jaar teruggaan” 

Naast Valerie gaat ook Sol Kom van de University of Chicago aan de slag bij de vakgroep Water & Klimaat. Wat betekent dit voor de groep? 
Wim Thiery: “Hun werk is complementair met het lopende onderzoek hier. Wij hebben mensen die werken op grond- en oppervlaktewater, klimaatextremen, bosbranden, gletsjers en klimaatwetgeving. Valerie en Sol dragen ontbrekende puzzelstukken aan, Valerie met haar werk rond dendrochronologie en paleoklimaat en Sol met zijn onderzoek naar tropische orkanen. Onze waaier aan expertise wordt zo een stuk breder, binnen de VUB en naar de samenleving toe.” 

Waar is er veel potentieel voor samenwerking? 
Wim: “Op het vlak van attributie. Dat betekent: onderzoeken of en in welke mate extreme weerfenomenen veroorzaakt worden door menselijke klimaatverandering. Zo plakken we een cijfer op hoe sterk de kans op hittegolven, overstromingen, bosbranden of cyclonen verhoogd is. Daarbij willen we graag meer naar de concrete impact kijken. Denk aan het aantal doden tijdens een hittegolf, of de economische schade door een orkaan. Een andere uitdaging bij die attributiestudies is om verder in het verleden terug te kijken dan de meteorologische metingen. Met haar onderzoek naar jaarringen brengt Valerie een langeretermijn-kijk mee, tot honderden of duizenden jaren terug in de tijd.”
Valerie: “Temperatuurreconstructies op basis van jaarringonderzoek worden nog niet vaak gebruikt in attributiestudies. In Amerika hebben we het al gedaan voor de sneeuwval in de Sierra Nevada, in Europa willen we het nu doen voor hittegolven.” 

Hoe ver kan je met die jaarringen teruggaan in de tijd? 
“Valerie: “In Europa worden bomen van nature minder oud dan in Amerika. Met de bomen in het Zoniënwoud kunnen we teruggaan tot circa 1800. Dat brengt niet zo heel veel op, want de meteorologische metingen gaan in België terug tot 1830. Maar in Europa is er ook veel archeologisch hout, dat gebruikt is in gebouwen en schepen. Mits een beetje tweaken van de apparatuur en onze technieken kunnen we met dat hout wellicht tot in de Romeinse tijd teruggaan.”
Wim: “Valerie kan bovendien de kloof dichten tussen de meteorologische metingen van de laatste twee eeuwen en de veel oudere archieven in ijspakketten en sedimenten. Die laatste zijn onderzoeksgebieden waar collega’s als professor Philippe Claeys, professor Steven Goderis en professor Harry Zekollari op werken.”

“AI helpt om de impact van klimaatverandering in kaart te brengen” 

Ook samenwerking rond onderzoek naar bosbanden is blijkbaar mogelijk?  
Wim: “Wij hebben daar in onze onderzoeksgroep twee projecten over lopen. Het eerste is Wikimpacts, een Europese samenwerking geleid door doctoraatsonderzoekster Ni Li. Daarvoor hebben we met artificiële intelligentie uit miljoenen Wikipedia-teksten informatie gepuurd over hittegolven, bosbranden, orkanen, droogtes en overstromingen. Die werd daarna automatisch omgezet in een databank met gegevens over slachtoffers, economische schade en andere gevolgen.”  

En dat tweede onderzoek? 
Wim: “Dat was het werk van doctoraatsonderzoeker Seppe Lampe. Die heeft een machine learning model getraind op satellietbeelden om het risico op natuur- en bosbranden in te schatten op basis van gegevens zoals temperatuur, neerslag en het type vegetatie. Zo kan het model ons vertellen welke omstandigheden vaak tot branden leiden, hoeveel oppervlakte waarschijnlijk zal afbranden en hoeveel CO₂ daarbij zal vrijkomen.” 

Hadden we daarmee de ramp in de Hoge Venen kunnen voorspellen? 
Wim: “Nee, dit model werkt op wereldwijde schaal, een pixel staat voor een oppervlakte van ongeveer vijftig op vijftig kilometer. Je kunt er wel grote klimaattrends mee inschatten, pakweg tot 2100. Wat vaststaat: bij ongewijzigd beleid neemt het risico op branden toe, aangezien landschappen warmer en droger worden.” 

“Amerikaanse expertise over bosbranden komt nu naar Europa”  

Wat kan de dendrochronologie over bosbranden vertellen, Valerie? 
Valerie: “Jaarringen geven info over hoe bosbranden de natuur in het verleden aangetast hebben en wat de menselijke invloed daarbij was. Met die kennis kunnen we onze bossen en onszelf beter beschermen.”

In dit onderzoeksgebied is er blijkbaar veel meer expertise in Amerika dan hier? 
Valerie: “Bosbranden zijn in Noord-Europa pas relatief recent een probleem geworden. Daardoor is er inderdaad minder onderzoek naar gebeurd. Om een idee te geven: in Canada, de VS en Mexico is er een netwerk van 2300 locaties waar men aan de hand van jaarringen op zoek gaat naar sporen van vroegere bosbranden. In Europa zijn dat er een vijftiental, vooral in het Middellandse Zeegebied en in Scandinavië. Het is hier ook moeilijker, want Europese bossen zijn kleiner en sterker door mensen beïnvloed, en er zijn minder oude bomen.” 

Maar dit soort van onderzoek is ook hier wel degelijk mogelijk? 
Valerie: “Zeker. We gaan eraan werken. Een Amerikaanse collega van mij, van een andere universiteit in Arizona, is recent naar de Universiteit van Marseille verhuisd, in een gelijkaardig programma als het VUB-US Research Chair programma. Zo komt Amerikaanse expertise over bosbranden naar Europa.”

“De wetenschap heeft haar werk gedaan, nu is het beleid de bottleneck”

Klimaatwetenschap wordt verder bijgeschaafd en verfijnd, maar de grote inzichten zullen niet meer veranderen. Nu nog het beleid meekrijgen. Wim: “Het draagvlak is er nochtans: een groot deel van de bevolking beseft de ernst van de situatie heel goed en verwacht oplossingen om de uitstoot naar beneden te halen en onze weerbaarheid te verhogen. Dit gaat over de veiligheid en levensvatbaarheid van de samenleving, over onze gezondheid en die van onze kinderen.” 

En de oplossingen zijn er. Wim: “Voilà. Twintig jaar geleden bestond de technologie nog niet of was ze nog duur. Vandaag worden windturbines, zonnepanelen, warmtepompen, batterijen en elektrische auto’s wel haalbaar. De wetenschap heeft haar werk gedaan, nu is het beleid de bottleneck. Het is aan de beleidsmakers om de technologie voor iedereen haalbaar te maken en de uitstoot te verminderen om hun bevolking te beschermen.” 

Wim Thiery

Hernieuwbaar wordt stilaan goedkoper dan fossiel. 
Valerie: “Dat hebben ze zelfs in Texas al door. De zelfverklaarde fiere oliestaat is nu ook de grootste producent van windenergie in de VS.” 
Wim: “In Europa lopen sommige landen voorop. Denemarken investeert al decennia in windenergie en bouwde een toonaangevende windindustrie uit. Zij exporteren die technologie, wij importeren ze. Met de voeten blijven slepen is geen optie. Anders gaan we na onze zonnepanelen- en batterijensector ook onze auto- en warmtepompsector kapot laten gaan. Hernieuwbare energie maken we bovendien zelf. Nu stroomt ons geld naar Rusland, Amerika, de Arabische landen en Noorwegen.” 

“Klimaatbewuste jongeren mogen gelijk wat studeren” 

Wat moeten klimaatbewuste jongeren volgens jullie studeren? 
Valerie: “Gelijk wat. Klimaatverandering heeft een effect op letterlijk elk aspect van de samenleving.
Wim: “De VUB leidt STEM-studenten op die voor de technologische oplossingen en de uitrol ervan zorgen, maar ook juristen, sociologen en politicologen die aan juridische en sociale beleidskaders werken, artsen die met de medische kant bezig zijn,...”
Valerie: “Ik heb zelf bio-ingenieur gestudeerd en ben pas later met klimaatwetenschap in contact gekomen.” 

Lopen jullie op 11 oktober mee in de klimaatmars? 
Valerie: “Ik ben dan al terug in de VS. Anders zeker.”
Wim: “Ik voel me verplicht, als wetenschapper en als vader. Ik weet uit ons onderzoek welke extreme omstandigheden mijn kinderen in hun leven zullen meemaken. België heeft in Parijs beloofd om met de allerhoogste ambitie de uitstoot naar beneden te halen. Wat dus voor alle duidelijkheid nog niet gebeurt. Vandaag worden de alarmsignalen vanuit de klimaatwetenschap weggelachen. De beleidsmakers moeten doen wat nodig is om de toekomst van alle kinderen in België en wereldwijd veilig te stellen.”

Wim Thiery over de toekomst van ons klimaat

Bio

Prof. Valerie Trouet is bio-ingenieur. Zij doet wetenschappelijk onderzoek op het gebied van dendrochronologie, de datering van jaarringen van bomen en schreef het boek ‘Wat bomen ons vertellen’ over haar onderzoek. In 2011 werd ze assistent-professor en in 2020 gewoon hoogleraar paleoklimatologie aan de Universiteit van Arizona. Van 2022 tot 2024 was ze wetenschappelijk directeur van het Belgisch Klimaatcentrum. Sinds september 2026 heeft ze een deeltijdse aanstelling aan de Vrije Universiteit Brussel via het VUB-US Research Chair-programma. Daar werkt ze samen met Wim Thiery in de onderzoeksgroep bclimate. 

Prof. Wim Thiery werd in 2017 aangesteld als onderzoeksprofessor aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB), waar hij de bclimate-groep leidt. Hij was medeauteur van het IPCC Special Report on Climate Change and Land (2019) en het Zesde Evaluatierapport (2021). Zijn expertise omvat klimaatverandering, klimaatextremen, regionale en mondiale klimaatmodellering, interacties tussen land en atmosfeer, landbeheer, vroegtijdige waarschuwingen voor stormen, energiemeteorologie en modellering van klimaateffecten op wereldschaal.