Een internationale onderzoeksgroep onder leiding van onderzoekers van VUB-UZ Brussel en KU Leuven toont aan dat de ontwikkeling van type 1 diabetes sterker kan worden vertraagd. De onderzoekers deden dat met een gecombineerde aanpak die zich zowel richt op het immuunsysteem als op de insulineproducerende bètacellen. Kinderendocrinoloog professor Willem Staels: "Deze studie levert een belangrijk bewijs dat we mogelijk verder moeten kijken dan immunotherapie alleen." De resultaten werden gepubliceerd in het toonaangevende wetenschappelijk tijdschrift Diabetologia.
Type 1 diabetes ontstaat wanneer het immuunsysteem de insulineproducerende bètacellen in de pancreas aanvalt en vernietigt. De afgelopen jaren werden belangrijke stappen gezet met immunotherapieën die het ontstaan van klinische diabetes kunnen uitstellen bij mensen met een verhoogd risico. Toch blijft hun effect vaak beperkt in de tijd en verschilt de respons sterk tussen individuen. Daarom onderzochten de onderzoekers of het gelijktijdig beschermen van de bètacellen zelf de werkzaamheid van immunotherapie kan versterken.
Twee aangrijpingspunten, één behandeling
In de studie werden prediabetische NOD-muizen (muismodel voor type 1 diabetes) behandeld met een lage dosis anti-CD3, GLP1-E2 of een combinatie van beide. Anti-CD3 is een immunotherapie die de auto-immuunaanval op bètacellen afremt door het immuunsysteem te herprogrammeren. GLP1-E2 is een experimentele stof die gericht wordt afgeleverd aan bètacellen en daar beschermende oestrogeensignalering activeert. Hierdoor worden bètacellen beter bestand tegen stress en functieverlies.
De combinatie bleek duidelijk effectiever dan beide behandelingen afzonderlijk. Op de leeftijd van 30 weken ontwikkelde 77% van de onbehandelde muizen diabetes. Dat percentage bedroeg 66% na behandeling met alleen anti-CD3 en 61% met alleen GLP1-E2. Bij de combinatietherapie daalde de incidentie tot 38%. Bovendien werd het ontstaan van diabetes significant uitgesteld. Een deel van het beschermende effect bleef behouden na stopzetten van de GLP1-E2-behandeling.
“Deze resultaten ondersteunen het idee dat type 1 diabetes niet uitsluitend een ziekte van het immuunsysteem is, maar ook van kwetsbare bètacellen,” zegt prof. dr. Nico De Leu, endocrinoloog verbonden aan het UZ Brussel en de VUB. “Door zowel de auto-immuniteit als de stress en kwetsbaarheid van bètacellen aan te pakken, zagen we in dit model een beduidend sterkere bescherming dan met één behandeling alleen. Dat opent interessante perspectieven voor toekomstige preventieve therapieën.”
Bescherming van de bètacel
Om beter te begrijpen waarom de combinatiebehandeling werkte, analyseerden de onderzoekers de pancreas van de behandelde dieren. Daaruit bleek dat GLP1-E2 en anti-CD3 elk een verschillend, maar complementair effect uitoefenden.
Anti-CD3 werkte vooral door de aanval van het immuunsysteem op de bètacellen af te remmen. GLP1-E2 maakte de bètacellen zelf weerbaarder, waardoor ze minder schade opliepen, beter bleven functioneren en minder snel door het immuunsysteem werden herkend als doelwit. Samen zorgden deze effecten ervoor dat meer functionele insuline producerende bètacellen behouden bleven en de ziekte trager evolueerde. Dit suggereert dat het beschermen van bètacellen een waardevolle aanvulling kan zijn op behandelingen die zich uitsluitend richten op het immuunsysteem.
Belangrijke stap, maar nog geen behandeling voor patiënten
De onderzoekers benadrukken dat het om een preklinische studie gaat. De resultaten werden verkregen in een muismodel en kunnen niet rechtstreeks worden vertaald naar mensen met (risico op) type 1 diabetes. Verdere studies zullen nodig zijn om te bepalen of een vergelijkbare combinatiebehandeling ook veilig en doeltreffend kan zijn bij patiënten.
“Voor patiënten is dit vandaag nog geen nieuwe therapie,” zegt prof. dr. Willem Staels, kinderendocrinoloog verbonden aan het UZ Brussel en de VUB. “Maar deze studie levert een belangrijk bewijs dat we mogelijk verder moeten kijken dan immunotherapie alleen. Door ook de bètacel actief te beschermen, kunnen toekomstige behandelingen misschien niet alleen sterker, maar ook duurzamer worden.”
Referentie
Degroote, L., Chrzanowski, J., Lemaitre, P. et al. GLP1-E2 therapy delays autoimmune diabetes in late-stage prediabetic NOD mice and potentiates low-dose anti-CD3 therapy for enhanced disease protection. Diabetologia 69, 2307–2322 (2026). https://doi.org/10.1007/s00125-026-06750-1