Professor Filip Van Droogenbroeck van het Data Analytics Lab stelde vast dat zijn studenten steeds dezelfde fouten maakten in het onderzoek voor hun bachelor- en masterproef. Daarom ontwikkelde hij samen met enkele collega’s JOLO, een online leertraject voor onderzoeksmethoden dat hij zal presenteren op het Onderwijscongres: “Ik merk dat de kwaliteit van de onderzoekspapers is verbeterd.”
Onderwijsprofessional aan de VUB? Schrijf je in voor het Onderwijscongres.
Waar staat JOLO eigenlijk voor?
Filip Van Droogenbroeck: “JOLO staat voor Jouw Online Leertraject Onderzoeksmethoden. Het is een toegankelijk en gebruiksvriendelijk platform op Canvas, met elf modules die studenten door de belangrijkste stappen van onderzoek loodsen: van het formuleren van een onderzoeksvraag, surveys opstellen, diepte-interviews afnemen, tot verantwoord gebruik van AI bij onderzoek.”
Filip Van Droogenbroeck
Er bestaan toch ook vakken als onderzoeksmethoden. Waarom was er dan een platform nodig?
“Mijn collega’s en ik stelden vast dat studenten bij de bachelor- en masterproeven vaak dezelfde vragen stelden aan hun promotor, of steeds dezelfde fouten maakten in hun onderzoek. Vaak lag dat aan een gebrek aan basiskennis over zaken als: hoe formuleer je een goede probleemstelling? Hoe neem je een diepte-interview af? Of hoe stel je nu eigenlijk een goede survey op in de praktijk? Bovendien hebben onze studenten vaak een heel uiteenlopende voorkennis. In het schakelprogramma voor de master Bedrijfskunde komen studenten samen uit totaal verschillende professionele bachelorprogramma’s. Niet alle opleidingen besteden evenveel aandacht aan onderzoeksmethoden.
“Iedereen zat voortdurend het warm water opnieuw uit te vinden. Vandaar het idee om de kennis te bundelen in één online leertraject”
In het verleden verwezen we de studenten naar de cursus onderzoeksmethoden of naar VUB-brede initiatieven zoals Eerste hulp bij onderzoek. Maar het eerste blijft vaak theoretisch en de VUB-brede initiatieven zijn onvoldoende afgestemd op de specifieke noden van sociaal-wetenschappelijk onderzoek. Sommige proffen, zoals ikzelf, ontwikkelden daarom eigen handleidingen met tips en tricks. Iedereen zat het warm water opnieuw uit te vinden. Zo ontstond het idee om de kennis van mijn collega’s te bundelen in één online leertraject. Samen met collega’s uit de economische (Prof. Ilse Scheerlink) en sociale wetenschappen (Prof. Silvia Erzeel en Prof. Wendy Van den Broeck) heb ik daarvoor een curriculumvernieuwingsproject ingediend en gekregen.”
Op welke manier speelt het leerplatform specifiek in op de noden van de studenten van de Faculteit Sociale Wetenschappen en Solvay Business School?
“Bij sociaal-wetenschappelijk onderzoek heb je een aantal basisprincipes die in elk onderzoek terugkomen. Ik noemde al het formuleren van een goede probleemstelling. Andere modules gaan over literatuurstudie, empirisch onderzoek, ethische reflectie en verantwoord gebruik van generatieve AI. Die basismodules zijn relevant voor alle bachelor- en masterproeven binnen het sociaal-wetenschappelijke onderzoek. Daarnaast zijn er toegepaste modules die specifieke onderzoeksmethoden uitlichten: diepte-interviews, focusgroepen, inhoudsanalyse, secundaire data-analyse, surveys, en vergelijkende analyse.”
Wat onderscheidt het platform van een handboek?
“We wilden geen nieuw theoretisch handboek, maar een praktische tool met concrete stappen die studenten kunnen volgen. We hebben ons daarbij echt proberen in te leven in hun noden. In elke module tonen we hoe je iets concreet doet, bijvoorbeeld een onderzoeksonderwerp afbakenen. We vertrekken daarbij vanuit onze expertise als onderzoekers en delen hoe wij zelf stap voor stap een survey, diepte-interview, literatuurstudie aanpakken...
Om de studenten niet te overweldigen met informatie beperken we ons in eerste instantie tot de praktische basis. Voor verdieping kunnen ze doorklikken. Waar relevant gebruiken we domeinspecifieke voorbeelden uit de communicatiewetenschappen, bedrijfseconomie, politieke wetenschappen en sociologie. Daarnaast delen we ervaringen uit onze praktijk en bevat elke module een FAQ met veelvoorkomende fouten en aandachtspunten.”
Hoe zijn de eerste bevindingen?
“Het platform is dit academiejaar gelanceerd, zowel in het Nederlands als in het Engels, en wordt gedragen door de hele faculteit. Studenten worden er actief naartoe geleid voor hun bachelor- en masterproef. Momenteel maken zo’n duizend studenten er gebruik van. In de metadata zien we dat sommigen er uren op spenderen. Ze vinden het handig en bruikbaar.
Hier en daar zijn er nog zaken om te verbeteren. Dat is normaal, zo’n platform is nooit af. We kunnen nog modules toevoegen. Rond experimenten hebben we bijvoorbeeld nog geen aparte module. Misschien kunnen we in de toekomst ook meer inzetten op videoclips. Jongeren zijn het gewend om informatie via filmpjes te verwerken.”
“Studenten met vragen in een eerste fase naar JOLO kunnen verwijzen, verlicht ook de werkdruk van promotoren”
Het ziet er erg hands-on uit. Worden studenten niet te veel bij het handje genomen?
“Er zullen altijd mensen zijn die zeggen dat het vroeger beter was, maar dat gevoel deel ik niet. Studenten kunnen wel een theoretisch vak rond onderzoeksmethoden hebben gevolgd, maar pas wanneer ze zelf een onderzoek moeten opzetten, merken ze hoe complex dat is. Op dat moment is dit gewoon een handige tool om kennis op te frissen en een praktische how-to te hebben.
En ja, soms gaan we ver in onze ondersteuning. In de survey-module zitten templates voor uitnodigingen en opvolgmails. Die kunnen studenten meteen gebruiken. Zo hoeven ook zij niet telkens opnieuw het warm water uitvinden.”
JOLO is bedoeld voor studenten en beginnende onderzoekers, maar zien ook promotoren de voordelen?
“Zeker. Een fulltime professor in de economische wetenschappen begeleidt dit academiejaar gemiddeld zo’n 30 masterproeven. Dan heb je er alle baat bij om dat efficiënt te organiseren. Studenten met vragen, in eerste instantie, naar JOLO kunnen verwijzen, verlicht de werkdruk.
Wat ik zelf ook vaststel, bijvoorbeeld bij de bachelorproeven, is dat de kwaliteit is toegenomen. Surveys zijn dit academiejaar grondiger uitgewerkt. Studenten maken vaker gebruik van operationalisatietabellen (een tabel die toont hoe een concept wordt omgezet in concrete vragen en meetbare indicatoren, red.), zijn zich meer bewust van het nut van gevalideerde schalen (wetenschappelijk geteste vragensets, red.), versturen betere uitnodigingen en volgen de respons efficiënter op.”
Kan JOLO ook interessant zijn voor andere faculteiten?
“We krijgen al vragen van buiten onze faculteit. Als het voor andere faculteiten bruikbaar is in deze vorm, kunnen ze het zo gebruiken via Canvas. Een docent uit de faculteit Psychologie en Educatiewetenschappen had dan weer interesse om de modules aan te passen aan hun context. Dat kan natuurlijk ook. Als er een bronverwijzing is, kunnen alle faculteiten er vrij mee aan de slag.”
Bio
Filip Van Droogenbroeck is socioloog en als professor verbonden aan het Data Analytics Lab van de Faculteit Sociale Wetenschappen en de Solvay Business School. Zijn onderzoek focust op onderwijssociologie, socio-politieke attitudes, compassionate communities, en de kruisbestuiving tussen AI en de sociale wetenschappen.
VUB Onderwijscongres 2026
Op 26 mei vindt aan de VUB het jaarlijkse Onderwijscongres plaats, waar onderwijsprofessionals nieuwe inzichten delen over innovaties in het onderwijs. In een plenaire sessie licht vicerector Onderwijs Nadine Engels toe waar de uitdagingen liggen voor toekomstbestendig onderwijs, en hoe beleid, ondersteuning en innovatie daarop kunnen inspelen. In zes parallelle sessies ligt de focus nadien op thema’s met impact op studierendement: van ‘hoe kun je AI inzetten als leerpartner’ tot ‘hoe zorg je dat lesmaterialen en curricula voor iedereen toegankelijk zijn’.