In plaats van zich door de VS te laten meesleuren in een nieuwe wereldoorlog, kan Europa er samen met onder andere Canada beter op toezien dat die oorlog er niet komt, schrijft Koert Debeuf in De Standaard.
Het Wereld Economisch Forum in Davos was de voorbije jaren een slaapverwekkende vertoning. Dit jaar is dat wel even anders. Iedereen spreekt over Groenland en de mogelijke gevolgen van de Amerikaanse agressie. Vooral de Canadese premier Mark Carney gaf dinsdag een toespraak die de monden deed openvallen. Hij maakte een brutaal eerlijke analyse van de wereld. Volgens Carney heeft de internationale rechtsorde nooit bestaan en wordt het tijd om dat toe te geven. De Verenigde Staten pasten die orde alleen toe als het hen uitkwam en stonden er zelf altijd boven. Nu president Donald Trump overal handelsoorlogen begint met arbitraire tarieven, is het tijd voor iets anders. Hij pleit daarom namens Canada voor een nieuwe samenwerking met landen die het wel goed voorhebben met de wereld. Hij kreeg een staande ovatie.
De Canadese premier gaat terecht in tegen de zogenoemde val van Thucydides. Die populaire stelling van de realistische school binnen de internationale politiek houdt in dat als een oude wereldmacht aan macht verliest en er een nieuwe opstaat, dat altijd tot oorlog leidt. Vandaag zou dat betekenen dat de opkomst van China zou leiden tot een nieuwe wereldoorlog. Ik heb me altijd verzet tegen dat soort deterministisch denken, maar hoe kunnen we aan die val ontsnappen?
De Europese Unie heeft gekozen voor de weg van de strategische autonomie. Europa krikt (onder Amerikaanse druk) zijn defensie op, probeert de industrie te versterken, en meer toegang te krijgen tot essentiële grondstoffen en doet er alles aan om de buitengrenzen dicht te houden. Tegelijk sluit de Unie handelsakkoorden met andere landen en regio’s, zoals onlangs met Mercosur. Dat is op zich geen slechte strategie, maar toch vooral een defensieve en reactieve. Terwijl Europa het schip drijvend probeert te houden, wordt het belaagd door torpedo’s vanuit Rusland en de VS. Terwijl Rusland in oorlog is met Oekraïne, dreigt Trump met een oorlog in Groenland.
Dwangbuis van de Navo
Voor alle duidelijkheid, de verbale aanvallen van Trump zijn geen schoten in de lucht. In de nieuwe Amerikaanse nationale veiligheidsstrategie staat letterlijk dat het land het verzet tegen de Europese Unie zal helpen organiseren. Nee, de VS zijn geen bondgenoot meer. Iedere Europeaan moet ook toegeven dat het jasje van het Atlantische bondgenootschap een dwangbuis is geworden. Na de illegale oorlog in Irak in 2003, de gevangenis in Guantanamo en onlangs nog de ontvoering van de Venezolaanse president Nicolás Maduro, moeten we ons afvragen of het zogenaamd vrije en democratische Westen nog wel staat waarvoor het pretendeert te staan. De rest van de wereld vindt alvast van niet.
Bovendien worden de Europese lidstaten (en veel andere landen) meegesleurd in een groot conflict tussen de VS en China. Trump ergert zich net als zijn voorgangers aan de Europese wil om toch te blijven praten en handel drijven met China. Om de Europeanen aan hun strategie te onderwerpen, ontzegt hij bedrijven die wel met China werken de toegang tot de Amerikaanse markt. Volgens sommige Europese politici en experts is dat de juiste aanpak, waarmee de ‘strategische autonomie’ in de vuilnisbak belandt.
Ik denk dat de Canadese premier gelijk heeft als hij zegt dat een wereld van veel kleine forten een grote oorlog niet zal kunnen tegenhouden. De globalisering gaat achteruit, terwijl het aantal conflicten groeit. Het wederzijdse begrip en de dialoog tussen landen daalt, terwijl er net meer nood aan is. Tegelijkertijd zien we dat de geloofwaardigheid van het internationaal recht, en van Europa als de behoeder daarvan, onderuit is gehaald door de oorlog in Gaza.
De onvermijdelijke vraag is nu: wat is het alternatief? Ook hier doet Carney een voorstel. Volgens hem moeten middelgrote landen die geen wereldmacht zijn, samenwerken. Zij moeten geen kant kiezen tussen de VS, Rusland of China, maar praten met elk van hen. Die middelgrote landen moeten wel nog de vrijhandel en het internationale recht verdedigen, volgens een soort variabele geometrie of een web van relaties op het vlak van handel, investeringen en cultuur. Dat is een mooi idee, maar de vraag is of het wel krachtig genoeg is om opnieuw wat orde in de mondiale chaos te brengen?
Ik zou daarom een alternatief voorstel willen doen. In 1961 werd onder impuls van Egypte, Joegoslavië, India en Indonesië de Beweging van Niet-Gebonden Landen opgericht. Vooral landen van de toenmalige Derde Wereld, vandaag het Globale Zuiden genoemd, werden lid van die beweging. Zij wilden niet meedoen met de Koude Oorlog en geen kamp kiezen tussen het Westen en de Sovjet-Unie. Hoewel het initiatief veel enthousiasme creëerde, en in de Verenigde Naties regelmatig een ander geluid liet horen, kon de beweging de wereldorde van toen niet echt veranderen. Toch was het een goed idee waaruit we vandaag inspiratie kunnen halen.
Misschien kan Europa, samen met Canada en ongetwijfeld veel andere geïnteresseerde landen, een nieuwe beweging van ongebonden landen opzetten. Het kan een koepel worden van landen die zich verzetten tegen de huidige handelsoorlogen en wel blijven geloven dat meer samenwerking minder conflict zal voortbrengen. Landen die geloven in internationaal recht dat voor iedereen geldt en niet alleen voor de ‘zwakkere landen’. Het moet een groep zijn die wel nog investeert in de Verenigde Naties, maar dan wel in een hervormde Veiligheidsraad die niet de wereld ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, maar de huidige wereld weerspiegelt.
Het idee van een nieuwe mondiale beweging van economische en culturele samenwerking met als doel conflicten op te lossen of op zijn minst te vermijden, past perfect bij de identiteit van de Europese Unie. In plaats van zich door een zogenaamde bondgenoot te laten meesleuren in een nieuwe wereldoorlog, kan Europa mee de motor worden van een beweging die erop kan toezien dat die oorlog er niet komt.