Astronoom Katrien Kolenberg (VUB, KU Leuven en UAntwerpen) is bekroond met de Willem de Graaffprijs, een driejaarlijkse onderscheiding van de Nederlandse Astronomenvereniging voor excellente wetenschapscommunicatie in de sterrenkunde. Ze ontvangt de prijs voor haar originele manier om complexe kosmische fenomenen toegankelijk te maken voor een breed publiek, van lezingen en citizen science tot kunstprojecten en muziek. “Voor mij betekent het dat ik die verschillende delen van mezelf—wetenschap, kunst, communicatie—niet meer moet verbergen.”
Waar heb je de Willem de Graaffprijs precies voor gekregen?
Katrien Kolenberg: “Het is een prijs voor wetenschapscommunicatie in de sterrenkunde, die om de drie jaar wordt uitgereikt. Hij gaat naar iemand die een significante bijdrage levert aan publiekswerking rond astronomie en ruimteonderzoek. Voor mij is het echt een erkenning van een pad dat ik zelf heb gekozen, en dat niet altijd evident was. Ik heb altijd geprobeerd om wetenschap niet alleen via klassieke lezingen of artikels te brengen, maar ook op een meer immersieve manier, bijvoorbeeld via kunst of geluid.
Dus ja, het voelt als een bevestiging: dat het oké is om breder te kijken dan alleen de klassieke vormen van communicatie.”
“Wetenschap spreekt het hoofd aan, maar kunst raakt het hart, samen worden ze echt krachtig”
Je bent onderzoeker én communicator. Zijn dat geen tegenstrijdige rollen?
“Dat wordt soms zo gezien, maar voor mij versterken ze elkaar juist. Als wetenschapper werk je vaak jarenlang aan één specifiek onderwerp. Dat is heel waardevol, want je gaat heel diep. Maar je bereikt misschien maar een klein publiek.
Ik besefte al vrij snel: de papers die ik schrijf, worden misschien maar door een honderdtal mensen echt grondig gelezen. En dat is niet erg, dat is hoe wetenschap werkt. Maar ik wilde daarnaast ook iets doen dat op een andere manier impact heeft en meer mensen bereikt.
Bovendien dwingt communicatie je om uit je niche te stappen. Als je iets moet uitleggen aan een breed publiek, ga je zelf ook anders kijken naar wat je doet. Soms kom je daardoor zelfs tot nieuwe inzichten.”
Je combineert wetenschap met kunst. Wat voegt dat toe?
“Wetenschap spreekt vooral het hoofd aan, terwijl kunst eerder via het hart of het buikgevoel gaat. En die combinatie is ontzettend krachtig. Via kunst kan je mensen raken op een manier die puur rationele uitleg niet altijd doet.
Dat kan heel subtiel zijn, maar het kan ook confronterend zijn. Kunst hoeft niet per se ‘mooi’ te zijn, maar kan wel iets losmaken waardoor mensen anders beginnen nadenken.”
Een van je bekendste projecten laat mensen naar sterren ‘luisteren’?
“Dat klinkt misschien vreemd, want in de ruimte is er geen geluid — er is namelijk geen medium om geluidsgolven te transporteren. Maar sterren trillen wel. En die trillingen kunnen we meten door het licht dat ze uitzenden.
Wat wij doen in het project ‘AstroSounds’, is die data omzetten in geluid. Dus je luistert eigenlijk naar een vertaling van wat er fysisch in die ster gebeurt. Pulserende sterren zijn gigantische gasbollen die in- en uitzetten, een beetje zoals een ademhaling. Dat veroorzaakt variaties in helderheid en die variaties kunnen we meten en vertalen naar klank.
Het resultaat is verrassend: sommige sterren klinken ruw of ‘gruizig’, andere bijna harmonieus, alsof je naar een instrument luistert. Elke ster heeft zijn eigen ‘timbre’.”
Waarom is dat meer dan een leuke gimmick?
“Het is absoluut geen gimmick. Geluid is een extra analysekanaal. We werken bijvoorbeeld samen met blinde astronomen, voor wie luisteren essentieel is om data te interpreteren.
Maar zelfs voor ziende onderzoekers kan het waardevol zijn. Soms hoor je patronen of kleine verschillen die je visueel niet meteen detecteert. Door meerdere zintuigen te gebruiken, kan je je analyse verrijken. En tegelijk is het een prachtige manier om mensen te betrekken. Zodra mensen horen dat je sterren kan ‘beluisteren’, heb je meteen hun aandacht. Het opent een deur.”
Je communiceert ook rond de Einsteintelescoop. Wat mogen we daarvan verwachten?
“De Einsteintelescoop zal zwaartekrachtsgolven detecteren: rimpelingen in de ruimtetijd zelf. Dat opent een volledig nieuw venster op het universum. Eeuwenlang hebben we het heelal bestudeerd via licht - zichtbaar licht, maar ook radiogolven, infraroodstraling en röntgenstraling. Met zwaartekrachtsgolven krijgen we er een extra zintuig bij. We kijken niet alleen meer naar het universum, we kunnen het met onze nieuwe instrumenten ook op een andere manier 'voelen'."
Wat we met de huidige detectoren zien, is nog maar het tipje van de ijsberg: botsende zwarte gaten, samensmeltende neutronensterren. Met gevoeligere instrumenten zullen we veel meer kunnen observeren.
Ik verwacht dat dat tot nieuwe fysica zal leiden, dat we onze huidige modellen zullen moeten herbekijken. Nieuwe data dwingen je vaak om opnieuw na te denken over wat je dacht te begrijpen.”
Katrien Kolenberg
“Het is tegelijk absurd en prachtig: we zijn ongelooflijk klein, maar we kunnen wel nadenken over de kosmos”
En kunnen we die zwaartekrachtsgolven ook ‘horen’?
“Ja, en dat maakt het extra fascinerend: die signalen zitten al in de hoorbare frequentie. Je hoeft ze niet eens te versnellen zoals bij sterren. Maar wat je hoort, is vaak… verrassend banaal (lacht). Het klinkt als een soort ‘tsjirp’. Terwijl er eigenlijk twee zwarte gaten samensmelten, een van de meest gewelddadige gebeurtenissen in het universum. Dat contrast vind ik geweldig: iets kosmisch gigantisch dat klinkt als iets heel kleins.”
Wat drijft jou persoonlijk in dit werk?
“Verwondering. Dat ‘awe’-gevoel. Als je nadenkt over het universum en onze plaats daarin, dan vergeet ik mijn dagelijkse beslommeringen. Je krijgt perspectief. Het is tegelijk absurd en prachtig: we zijn ongelooflijk klein, maar we kunnen wel nadenken over de kosmos. We are the cosmos thinking about itself.”
Maakt dat de mens niet heel nietig?
“Ja, maar dat is net de schoonheid ervan. Die spanning tussen klein en groot roept verwondering op. We zijn piepklein in vergelijking met het universum, maar we maken er wel deel van uit. De elementen waaruit wij bestaan, zijn gevormd in sterren. Ons lichaam is letterlijk opgebouwd uit materiaal dat miljarden jaren geleden in sterren is ontstaan.
Dus ja, je kan zeggen: wij zijn sterrenstof dat probeert zichzelf te begrijpen.”
Wat doet de prijs je persoonlijk?
“Voor mij betekent het dat ik die verschillende delen van mezelf—wetenschap, kunst, communicatie—niet meer moet verbergen. Ze horen samen en ik heb ze alle drie nodig om te functioneren. Lange tijd kreeg ik het advies om die werelden gescheiden te houden. Maar deze prijs toont net dat die combinatie waardevol is. Dat het geen zwakte is, maar een sterkte. Het voelt als een bevestiging van het pad dat ik gekozen heb. En als ik zie dat jonge onderzoekers daardoor ook meer hun eigen koers durven varen, dan is dat misschien nog het mooiste resultaat.”
Bio
Katrien Kolenberg is een Belgische professor sterrenkunde aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB). Ze is gespecialiseerd in ‘pulsatievariabele’ sterren, deze worden ritmisch groter en kleiner waardoor ze in helderheid veranderen. Ze is ook verbonden aan de KU Leuven en de Universiteit Antwerpen. Ze werkte aan internationale onderzoeksinstellingen als de Universiteit van Harvard en het Space Telescope Science Institute in Baltimore. Naast haar onderzoek staat ze bekend om haar sterke inzet voor wetenschapscommunicatie en publiekswerking, waarbij ze complexe astronomie toegankelijk maakt voor een breed publiek. Ze is daarnaast ook actief als kunstenaar en amateur‑muzikant — zo speelt ze onder meer cello en maakt ze beeldend werk — en verkent de wisselwerking tussen kunst en wetenschap.