Onderwijskwaliteit van de opleiding

Onderwijskwaliteit staat centraal aan de VUB. Dat zeggen we niet zomaar: we nemen regelmatig onze opleidingen vakkundig onder de loep om ze af te stemmen op de veranderende noden van onze studenten in een snel veranderende samenleving.

Onderstaande publieke informatie maakt deel uit van het kwaliteitszorgsysteem van de Vrije Universiteit Brussel en werd bekrachtigd door de Academische Raad op 02/02/2026.

Bronnen: Peer Review 2025 & Strategieplan 2025-2028

Troeven

  • Kleinschalig en betrokken: De opleiding werkt in kleine groepen, met een toegankelijk en geëngageerd docententeam.
  • Sterke koppeling tussen theorie en praktijk: Werkcolleges, practica en masterproeven sluiten goed aan bij de beroepspraktijk. De bacheloropleiding biedt een correcte voorbereiding op een loopbaan in het onderwijs.
  • Kwaliteitsvolle beoordeling van masterproeven: De evaluatie gebeurt kritisch en zorgvuldig, met een duidelijke spreiding in resultaten.
  • Brede academische bachelor: Studenten krijgen een multidisciplinaire, wetenschappelijke basis die als degelijk wordt ervaren.
  • Verankerd in Brussel en meertalig: De opleiding betrekt studenten actief bij de grootstedelijke context. Veel afgestudeerden zijn meertalig, wat een troef is op de arbeidsmarkt.
  • Topsportvriendelijke aanpak: Er is flexibiliteit voor topsporters, waardoor studie en sport combineerbaar blijven.


Ontwikkelkansen

  • Heldere visie en identiteit: Door het ontwikkelen van een gedeelde visie, duidelijke leerresultaten en beter afgestemde werk- en evaluatievormen kan het programma transparanter en coherenter worden.
  • Instroom en doorstroom versterken: Betere communicatie over verwachtingen, slaagkansen en remediëring kan helpen om de juiste studenten aan te trekken en hen vlotter te laten doorstromen.
  • Actualisering van het curriculum: Het sportaanbod kan geüpdatet worden, met meer aandacht voor recente onderzoeksinzichten, praktijkervaring en digitale vaardigheden.
  • Evenwichtige werkdruk bij docenten: Een objectieve inschatting van de onderwijslast is nodig. Samenwerking met andere universiteiten kan hierbij helpen.
  • Meer internationale kansen benutten: Uitwisseling via netwerken zoals EUTOPIA of ULB kan versterkt worden. Extra financieringsmogelijkheden zouden internationale ervaring toegankelijker maken voor alle studenten.


Waar is de opleiding nu al volop mee bezig?

  • Gedeelde visie en identiteit ontwikkelen: Er wordt gewerkt aan een duidelijke richting voor de bacheloropleiding.
  • Gerichte rekrutering: Een rekruteringsplan en gespecialiseerd team moeten instroom beter ondersteunen. Daarbij ontwikkelt de opleiding nieuwe schakelprogramma’s die de overstap naar de opleiding toegankelijker zullen maken.
  • Versterkte doorstroom en studierendement: Via remediëringstrajecten geeft de opleiding extra ondersteuning voor steunvakken en academische taalvaardigheid. Versterkte binding, onthaal en begeleiding van studenten in het eerste jaar moet studenten nog meer slaagkansen bieden.
  • Vernieuwing van Bewegingsvorming: Het sportaanbod in het programma wordt geactualiseerd, met een betere koppeling tussen theorie en praktijk en meer aandacht voor 21st-century skills.
  • Optimalisatie van studie- en onderwijsbelasting: De opleiding onderzoekt hoe de studiebelasting van studenten beter gespreid kan worden, onder meer via blended onderwijs en een samenhangende opbouw van het curriculum. Ook de werkdruk voor docenten wordt aangepakt door samenwerking met andere opleidingen en een herziening van het programma. Daarnaast wordt ingezet op partnerschappen met het werkveld om expertise te delen en de organisatie efficiënter te maken.

Bij wie peilen we naar de kwaliteit van onze opleidingen? 

Als universiteit bieden we onze studenten geregeld de kans om hun ongezouten mening te geven over hun opleiding tijdens hun academische loopbaan. We gaan ook te rade bij onze docenten en assistenten en we peilen naar de verwachtingen van het toekomstige werkveld. Om steeds de vinger aan de pols te houden, bevragen we regelmatig onze oud-studenten die ondertussen al aan de slag zijn in de sector en vergelijken we met andere universiteiten in binnen- en buitenland. Elke zes jaar vindt een Peer Review plaats waarbij een panel van experten sterktes bevestigt en aanbevelingen kan formuleren. Tot slot maakt de Kwaliteitsraad Onderwijs een finale beoordeling in een Borgingsbesluit.

 

Kwaliteitscyclus

Elke opleiding doorloopt een zesjaarlijkse cyclus om de onderwijskwaliteit te garanderen. De planning voor deze opleiding wordt in onderstaande tijdslijn weergegeven.

2026_Kwaliteitscyclus_LOBW