Met een investering van zo’n 3,2 miljoen euro krijgt de VUB de komende vijf jaar de ruimte om onderzoek te doen naar een van de grote maatschappelijke uitdagingen van vandaag: mentaal welzijn op het werk. De Helios-leerstoel verenigtVUB-onderzoekers uit verschillende disciplines die samen met Belgische organisaties zullen werken aan wetenschappelijk onderbouwde preventie. Volgens co-leerstoelhouders professoren Christophe Vanroelen en Joeri Hofmans ligt de sleutel niet alleen in het begeleiden van werknemers die uitvallen, maar vooral in het gezonder organiseren van werk.

Meer info over de leerstoel vind je hier

CHRISTOPHE van roelen

Professor Christophe Vanroelen

De cijfers over langdurige arbeidsongeschiktheid door burn-out en depressie blijven stijgen. Hebben we te veel gefocust op herstel en te weinig op preventie?
Prof. Vanroelen, hoogleraar Sociologie aan de VUB: “De discussie over langdurig zieken is voor mij, als arbeidssocioloog, heel frustrerend. Er wordt vooral gekeken naar de uitgang: hoeveel mensen vallen uit, hoe krijgen we hen sneller aan het werk... Daarbij worden vaak schuldigen gezocht: ziekenfondsen die te laks zijn, werkgevers die onvoldoende aangepast werk voorzien, werknemers die te weinig inspanning doen om het werk te hervatten. Ja, dat speelt allemaal mee. Maar het echte probleem zit veel vroeger: in de manier waarop jobs georganiseerd zijn en hoe werk en privéleven op elkaar zijn afgestemd. Werknemers zijn geen blanco blad. Het zijn mensen met capaciteiten en beperkingen, met een gezin, relaties, zorgenen interesses, ... Het idee dat de arbeidsorganisatie hiermee in interactie staat, blijft iets waar bedrijven het moeilijk mee hebben. Je kan dan als expert zeggen: we moeten ingrijpen vooraleer er problemen zijn. Maar wat moet je doen? Een fitnessabonnement geven? Mindfulness aanbieden? De arbeidsorganisatie veranderen? Preventie is complex. Er bestaan tientallen interventies om jobs gezonder te maken, maar hun effect is vaak moeilijk meetbaar. Bedrijfsleiders vragen terecht naar wetenschappelijke evidentie.”

Prof. Hofmans, hoogleraar Arbeids- en Organisatiepsychologie aan de VUB: “Ook de manier waarop fundamenteel onderzoek typisch gebeurt staat vooruitgang in de weg. Meestal werken wetenschappers binnen één vakdomein en kijken ze vanuit die bril naar mentale problemen en potentiële oplossingen. De psychologie focust bijvoorbeeld sterk op het individu en ontwikkelde vanuit dat perspectief vooralinterventies die het individu zaken zoals weerbaarheid trachten bij te brengen. We merken dat zo’n gefocuste aanpak zijn verdiensten heeft, maar niet altijd toelaat mentale problemen afdoende te bestrijden. Net omdat mentale problemen veel complexer zijn. Deze leerstoel laat ons toe om verschillende vakgebieden samen te brengen en vanuit deze rijkheid aan perspectieven te werken aan problemen waar organisaties en de samenleving echt van wakker liggen.

“Toxisch leiderschap is een complex gegeven; ook de werkomgeving speelt mee”

Wat zijn vandaag de belangrijkste oorzaken van mentale problemen op de werkvloer?
Prof. Vanroelen: “Dat is heel divers. De arbeidstaak zelf speelt een rol: is er voldoende autonomie en ruimte om met taakeisen om te gaan? Ook jobonzekerheid is een belangrijke factor. Dat gaat niet alleen om de angst om je job te verliezen, maar ook over veranderingen en niet goed weten wat er op je afkomt. Denk aan herstructureringen of een gebrek aan middelen enpersoneel: een groot probleem in de zorg- en publieke sector. We zien dat vrouwen vatbaarder zijn voor uitval op het werk. Dat heeft naast de werk-privébalans ook te maken met de sectoren waarin ze werken. De grote groeisectoren in onze economie zijn contactberoepen, van de dienstenschequesector tot de zorg. Sectoren waarin overwegend vrouwen aan het werk zijn. Net daar zien we een sterke stijging van arbeidsongeschiktheid. En als er één stressor is die volgens nationaal en internationaal onderzoek sinds de jaren 2000 constant toeneemt, dan zijn dat werkdruk en complexiteitsvereisten, vaak samenhangend met technologie. Mensen kunnen moeilijk gelijke tred houden. Natuurlijk moeten we technologie niet bannen, maar we kunnen werk wel zo organiseren dat technologische vernieuwingondersteunend werkt in plaats van extra druk te creëren.”

Prof. Hofmans: “Er wordt vandaag ook vaak naar toxisch leiderschap gewezen als belangrijke oorzaak van mentale problemen. Toxisch leiderschap is voor alle duidelijkheid erg bedreigend voor het mentale welzijn van medewerkers, maar de kijk op dit probleem is vaak te simplistisch. Vaak wordt de oorzaak voor zo’n gedrag enkel en alleen bij de leidinggevende gelegd – de rotte appel - terwijl we weten dat ook dewerkomgeving meespeelt en toxisch leiderschap kan stimuleren. Denk aan werkplekken waar competitie sterk wordt aangewakkerd of prestatieverloning centraal staat. Als je enkel naar het individu kijkt als oorzaak, dan zijn de oplossingen beperkt. Je kan proberen om zo’n personen niet aan te werven – niet evident, want onderzoek toont aan dat mensen met zulke kenmerken eerder doorgroeien naar hogere functies – of ontslaan, maar dan is de schade al aangericht. Door te erkennen dat de werkomgeving toxisch gedrag kan uitlokken én ook kan afremmen, krijg je meer handvatten om in te grijpen. Hoeveel leiderschapstrainingen je managers ook laat volgen, zonder ruimte om daar iets mee te doen of de juiste werkcontext, blijft dat dode letter.”

“Initiatieven om burn-out tegen te gaan worden vaak top-down genomen, zonder werknemers te vragen naar hun grote stressbronnen”

De leerstoel wil burn-out anders bekijken. Waarom?
Prof. Hofmans: “We hebben vaak een te eenvoudig beeld van mentale gezondheidsproblemen. We weten intussen dat one-size-fits-all-oplossingen voor burn-outs niet werken. Een burn-out ontstaat door een complex samenspel van individuele verschillen, beroepshistoriek, levensgeschiedenis... Het uit zich bovendien ook op verschillende manieren. Bij sommigen staat cognitieve ontregeling op de voorgrond, bij anderen emotionele ontregeling of een totaal gebrek aan energie. Alleen al het inzicht in die complexiteit helpt ons om betere oplossingen te ontwikkelen, zowel op het niveau van het individu als van de werkomgeving.”

Joeri Hofmans

Professor Joeri Hofmans

Prof. Vanroelen: “Preventie rond mentaal welzijn op het werk gebeurt vandaag nog te veel vanuit het buikgevoel. Niemand kan tegen een werkgever zijn die zijn mensen soigneert met een fitnessabonnement, een fruitmand of een pooltafel. Zo’n initiatieven geven mensen het idee dat ze ertoe doen. Maar als de werkdruk torenhoog blijft, voelen mensen zich met een kluitje in het riet gestuurd. Vaak worden initiatieven ook top-downgenomen, zonder werknemers te vragen wat de grote stressbronnen zijn. Ook dat is een gemiste kans. Een goed welzijnsbeleid heeft nood aan een doordachte en structurele aanpak.”

“We willen een open source draaiboek en toolbox afleveren, ook voor kleinere organisaties”

Wat hopen jullie binnen vijf jaar bereikt te hebben? 
Prof. Hofmans: “We willen niet zomaar vanuit wetenschappelijke hoek interventies ontwikkelen, maar wel samen met organisaties, vanuit concrete hulpvragen. Er is vandaag nog te vaak een science-practice gap. Dit moet een co-creatief proces zijn. Een van de grote doelen van deze leerstoel is dat we een soort draaiboek afleveren waarmee organisaties concreet aan de slag kunnen. Een leidraad met good practices en interventies waarvan ook de praktijk de meerwaarde inziet. Daarnaast hoop ik dat we kunnen afstappen van het zwarte-pietenspel over wie de grote schuldige is en kunnen evolueren naar een constructiever debat over mentaal welzijn.”

Prof. Vanroelen: “Als wij erin slagen om een gratis open source draaiboek en toolbox te ontwikkelen, dan is dat van goudwaarde.Vandaag zien we dat heel wat private partners allerlei methodologieën uitwerken en daar een verdienmodel rond bouwen. Grote bedrijven maken daar dankbaar gebruik van, maar heel wat kleinere bedrijven en social profit organisaties hebben vaak niet de middelen om dure consultants in te schakelen. Hoe meer werkgevers we kunnen overtuigen dat er voor preventie wel degelijk een businesscase bestaat, hoe groter de winst. Wij geloven sterk – en daar is ook evidentie voor – dat preventie een van de belangrijkste oplossingen is voor langdurige arbeidsongeschiktheid. Zodra mensen uitvallen, volgt vaak een lang traject dat niet altijd eindigt in re-integratie. We stevenen de komende 20 à 30 jaar af op een periode van grote schaarste op de arbeidsmarkt. Organisaties moeten beseffen dat ze het zullen moeten doen met de mensen die er zijn, met al hun sterktes en kwetsbaarheden, en dat het dus de moeite loont te investeren in hun welzijn.”

Welke preventierichtlijnen zouden vandaag op het bureau van elke CEO moeten liggen?
Prof. Vanroelen: “Daar hebben we een mooie definitie voorontwikkeld. Ze luidt als volgt: ‘de ideale aanpak voor primaire preventie is holistisch, contextgevoelig en bottom-up. Ze stimuleert intern eigenaarschap en combineert korte termijnverbeteringen met duurzame lange termijninspanningen om de psychosociale werkomgeving te verbeteren’. Dat is natuurlijk sneller gezegd dan in de praktijk gebracht, en daar ligt net de uitdaging voor onze leerstoel. Cultuur, openheid en bewustwording zijn alvast van groot belang. We mogen daarbij ook niet vergeten dat werk niet alleen een plaats waar stress ontstaat, maar ook een bron van veel positieve dingen kan zijn.Door op een bewuste manier stressoren te reduceren en tegelijk oog te hebben voor de bronnen van energie, steun en motivatiekunnen we bouwen aan duurzame werkplekken”

Prof. Hofmans: “Het is essentieel dat mensen zich gehoord voelen binnen hun organisatie. Daar loopt het vaak fout. Denk aan welzijnsenquêtes ‘omdat het moet’, waar nadien weinig mee gebeurt. Authentiek willen luisteren is belangrijk. Doen alsof je luistert, is soms schadelijker dan niet luisteren.”

Bio

Prof. dr. Christophe Vanroelen is hoogleraar arbeidssociologiebinnen de Vakgroep Sociologie en lid van de onderzoeksgroep BRISPO. Hij werkte mee aan diverse wetenschappelijke projecten over sociaaleconomische gezondheidsongelijkheden, de toegankelijkheid van de gezondheidszorg en werkgerelateerdegezondheidsrisico’s. Zijn onderzoek focust vandaag op de impact van werk en arbeidsomstandigheden op ongelijkheid in gezondheid.

Prof. dr. Joeri Hofmans is gewoon hoogleraar Arbeids- en Organisatiepsychologie aan de VUB en lid van de onderzoeksgroep PSYR. Zijn onderzoek focust op de rol van persoonlijkheid, leiderschap en motivatie op het werk, met bijzondere aandacht voor individuele verschillen en dynamische processen. Daarnaast doceert hij arbeids- en organisatiepsychologie, onderzoeksmethoden en evidencebasedhuman resources management.