VUB-wetenschapper Tim Brys is een koele minnaar van artificiële intelligentie, ook al doet hij er zelf onderzoek naar. In een tijd van razendsnelle verandering houdt hij een pleidooi voor traagheid, wijsheid en morele herbezinning – ook in het hoger onderwijs. Recent verscheen van zijn hand het boek "En toen was er AI". Samen met co-auteur François Levrau buigt hij zich over de vraag, hoe mens te blijven te midden van machines? “Misschien kunnen de studenten inspiratie halen uit de kloosterregels van Benedictus.”
Geen sociale media voor kinderen? Een smartphoneverbod op school? Voor Tim Brys zijn het no-brainers. Zelf heeft hij genoeg aan een dumb phone: geen apps of 5G dus. Toch wel bijzonder voor een AI-wetenschapper. Tot zijn spijt zijn de ‘baksteentelefoons’ van weleer niet meer wat ze geweest zijn. “Vroeger waren Nokia’s robuust en duurzaam, maar op een jaar tijd heb ik er drie versleten. Ik probeer het nu met een ander merk.” Tot zover het gemijmer over vergane Finse glorie, over naar het boek En toen was er AI. Hoe mens blijven te midden van machines? Tim schreef het samen met filosoof François Levrau van UAntwerpen. In tien hoofdstukken borstelen ze een maatschappijbreed beeld van de schok die AI teweegbrengt. Wij focussen op het hoofdstuk over leren en onderwijs.
Studenten besteden saaie en repetitieve opdrachten uit aan AI. Daardoor komt er tijd vrij voor echt creatief denkwerk.
Tim Brys: “Dat klinkt goed, maar ik geloof er niet in. Je kunt zowat alles in het onderwijs als routine wegzetten: lessen bijwonen, notities maken, teksten lezen, vertalen en samenvatten, papers schrijven, data analyseren, … Als AI dat allemaal overneemt, wat blijft er dan over van het hoger onderwijs?”
Het schiet anders wel op, met AI.
“Dat wel, maar de basis is er dan niet. Studeren is lastig en er komt veel repetitief werk bij kijken. Het is blokken, drillen en worstelen met nieuwe kennis. Dat zorgt voor frictie. Maar het is dat ‘saaie’ denkwerk dat je fundament en je referentiekaders vormt. Daarop kan je verder bouwen, zo leer je diepe verbanden leggen. Het is een paradox: creativiteit en vernieuwing – zogezegd de vaardigheden die dankzij AI zullen floreren – veronderstellen net veel voorafgaandelijk repetitief werk. Als je alles door AI laat doen, hoe leer je dan zelf nog nadenken?”
Zeg het maar.
“Je moet eerst een expert worden. Zo kan je inschatten of AI je geen blaasjes wijsmaakt en de technologie gebruiken zoals het hoort: in een ondersteunende rol.”
“Ons brein kiest automatisch de weg van de minste weerstand, vandaag is dat AI”
Tim Brys
Scheer je nu niet alle studenten over dezelfde kam?
“Volgens docenten gebruiken een aantal studenten AI waarvoor het dient: als intelligente assistent. Die worden even slim of zelfs slimmer dan de studenten die voor het AI-tijdperk afstudeerden. Maar een grote groep studenten doet dat niet. Zij vinken gewoon de vakjes af die nodig zijn om hun diploma te halen. Het harde werk doet AI in hun plaats. Zo omzeilen ze volgens mij het eigenlijke doel van het hoger onderwijs: je ontwikkelen tot een breed gevormde en competente persoon, die met een zekere wijsheid in de maatschappij staat.”
Minder hard werken en toch slagen: die lokroep is moeilijk te weerstaan.
“We zijn evolutionair geprogrammeerd om zo zuinig mogelijk met lichamelijk en geestelijke inspanningen om te springen. Wie in de oertijd zijn energie verspilde, overleefde het niet. Die zuinigheidslogica zit nog steeds in ons brein. Dat kiest automatisch de weg van de minste weerstand. Vandaag is dat AI.”
Passief meedraaien is toch geen nieuw fenomeen?
“Nee, maar AI verergert de trend. De shortcuts zijn door ChatGPT en co nog korter geworden. Het wordt steeds gemakkelijker om een passieve student te zijn en toch af te studeren.”
“Bij de masterproef kan men meer belang hechten aan de presentatie op het einde”
Wat nu?
“Veel mensen denken na over nieuwe leer- en evaluatiemethodes. Met meer klassikaal werk en meer korte essays waarin de studenten aantonen dat ze de leerstof verwerkt hebben. Bij de masterproef kan er meer aandacht gaan naar tussentijdse evaluaties en de presentatie op het einde. Op dat moment kunnen ze bewijzen dat ze echt begrijpen wat ze afgeleverd hebben.”
En de examens zelf? Neem allemaal pen en papier?
“Waarom niet? Ik heb computerwetenschappen gestudeerd. Wij moesten onze examens voor het vak programmeren op papier afleggen. Geen probleem als je hier of daar een haakje vergat, maar je bewees wel dat je het snapte.”
Je wijst in jullie boek op de enorme versnelling van de samenleving. De morele, sociale en juridische systemen kunnen niet meer volgen.
“De Amerikaanse socioloog William Ogburn wees daar al vroeg in de twintigste eeuw op. Hij noemde dat cultural lag, culturele vertraging. Onze technologie, machines en infrastructuur evolueren razendsnel. Waarden, gewoonten, wetten en normen hinken achterop. Denk maar aan sociale media. De impact op onze communicatie en ons zelfbeeld is enorm. De regelgeving rond privacy en mentale gezondheid komt pas later, wanneer de schade al aangericht is. Ook AI wordt nu zonder veel voorzorgsmaatregelen op de wereld losgelaten.”
"De onderzoekers noemden AI op de werkvloer een echte burn-outmachine"
De mens is toch flexibel?
“We kunnen ons niet eindeloos aanpassen aan een competitieve, opgejaagde en door technologie gedreven maatschappij. Wetenschappers van Harvard Business School onderzochten in een techbedrijf wat er gebeurde toen de medewerkers een abonnement op AI kregen. De productiviteit steeg meteen. Taken die ze anders uitbesteedden, namen ze er nu zelf bij. Ze begonnen vanzelf meer uren te kloppen. Om tijdens de lunchpauze nog een paar prompts uit te proberen, dat soort dingen.”
Laat me raden: de lol was er snel af?
“Dat klopt. Ze hadden het gevoel dat ze nog meer balletjes tegelijk in de lucht moesten houden. De jachtigheid was niet vol te houden. AI als burn-outmachine, noemden de onderzoekers het. We zijn daar niet voor gemaakt. Het is ook niet efficiënt: elke mail en elke notificatie verstoort je werk en haalt je uit je flow. In Deep Work pleit Cal Newport daarom voor langdurige, gefocuste concentratie zonder afleiding. Als je dat een paar uur per dag volhoudt, verzet je veel meer werk dan wanneer je acht uur oppervlakkig en verbrokkeld werkt.”
We kunnen daarvoor inspiratie putten uit de monastieke traditie, denk jij. Wat kunnen we leren van de monniken?
“Kloosters zijn georganiseerd rond strikte regels. Ze schrijven voor hoe de kloosterlingen samenleven, maar ook hoe de dagindeling verloopt. Die wordt gekenmerkt door een ‘intentioneel’ levensritme, met ruimte voor zowel arbeid als rust, contemplatie en creatie.
“AI moet in dienst staan van het goede leven”
Pas dat eens toe op de moderne mens in het volle leven?
“Zoek een ritme waarin je periodes van gefocust werk afwisselt met tijd voor activiteiten als diep lezen, schrijven, koken of musiceren. Misschien kun je af en toe een tijdje ‘smartphonevasten’. En kies bewust voor lokale gemeenschappen en samenwerking met mensen. Wij zijn bijvoorbeeld met een groep geestesgenoten in Brussel op zoek naar een gebouw voor ons stadsklooster.”
Als bastion tegen AI?
“Niet meteen. Het is een kleine gemeenschap waarin mensen kunnen aanhaken, vertragen en voor elkaar zorgen, en waarin we contact met God zoeken. AI mag, als het in dienst van het goede leven staat. De vraag moet zijn of AI-gebruik ons liefdevoller, wijzer, geduldiger, rechtvaardiger en moediger maakt.”
Tot slot: welk boek of welke film sluit goed aan bij je onderzoek? En hoe dicht liggen fictie en realiteit bij elkaar?
“In ons boek vermelden we The Matrix. Sommige techmiljardairs geloven dat we alle problemen met AI-technologie zullen oplossen, zelfs de dood. We zouden ons dan, in de stijl van The Matrix, inpluggen in een eeuwige simulatie, terwijl machines ons lichaam jong houden. Als gewillige slaven van een superieure AI-god, zeg maar. Slik je de blauwe pil en blijf je in de comfortabele illusie hangen of kies je voor de rode pil en de werkelijkheid? Zo binair is het natuurlijk niet, maar het is een symbool voor de wilskracht die nodig is om je niet helemaal te verliezen in de lokroep van de technologie.” “Brave New World vond ik ook een boeiend boek. In dat verhaal nemen de burgers van een wereldstaat iets dat soma heet. Die door de overheid verstrekte drug maakt mensen rustig, gelukkig en volgzaam. Wetenschappers, kunstenaars, emotionele complexe mensen en kritische vrije denkers vormen een gevaar voor die stabiliteit en worden verbannen naar eilanden. Daar krijgen ze de vrijheid om samen te leven zonder de samenleving te verstoren. Aldous Huxley gaf in dit boek commentaar op totalitaire regimes. De link met AI is dat die ook onze vrijheid kan bedreigen. AI-bedrijven zijn rijker dan wie of wat ook in de geschiedenis, de machtsconcentratie is enorm. Hoe meer zij het voor te zeggen hebben, hoe groter de druk op democratie en vrijheid kan worden."