Zondag 20 maart ‘World Storytelling Day’

 Op zondag 20 maart, tijdens ‘World Storytelling Day’ of ‘Wereldverteldag’, werd er wereldwijd de kunst van verhalen vertellen gevierd door zowel luisteraars als vertellers. Verhalen brengen mensen dichter bij elkaar en worden doorverteld van de ene generatie op de andere. Ook in de sociale wetenschappen worden levensverhalen verteld. Enkele onderzoekers van de vakgroep Educatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) stellen levensverhalen centraal in hun onderzoek over ouderen en leggen hun oor te luisteren bij verschillende ouderen die gepassioneerd vertellen over hun leven. 

Levensverhalen hebben al hun nut bewezen in eerder onderzoek binnen de vakgroep, bijvoorbeeld in het onderzoek over eenzaamheid bij ouderen van Lise Switsers en over sociale uitsluiting bij ouderen van Sofie Van Regenmortel. Ook nu staat het belang van levensverhalen centraal in twee huidige onderzoeken naar maatschappelijke participatie onder diverse ouderen enerzijds (Bas Dikmans en Toon Vercauteren) en eenzaamheid bij kinderloze ouderen anderzijds (Hannelore Stegen). Voor de twee projecten samen verzamelen de onderzoekers een honderdtal levensverhalen. De levensverhalen zijn in beide onderzoeken onontbeerlijk om de dynamieken van zowel kinderloosheid en eenzaamheid als maatschappelijke participatie te begrijpen door de focus te leggen op belangrijke levenservaringen. 

Waarom zijn levensverhalen belangrijk?  

Veel onderzoek bij ouderen focust alleen op het heden met bijvoorbeeld onderzoeksvragen als: ‘Hoe eenzaam voelen ouderen zich nu? Wat is hun huidige woonsituatie? Welke rol spelen ouderen nu als vrijwilliger?’ Aan de hand van een levensverhaal kunnen onderzoekers begrijpen hoe bepaald gedrag en bepaalde gevoelens, bijvoorbeeld eenzaamheid, vorm kregen en evolueerden tijdens de levensloop of hoe levensgebeurtenissen op jongere leeftijd van invloed kunnen zijn op het latere leven. Als je bijvoorbeeld ooit actief was als vrijwilliger, zet je je later dan ook nog in als vrijwilliger? Door een levensloopperspectief te koppelen aan een levensverhaal kunnen onderzoekers mogelijk waardevolle en meer diverse informatie verzamelen.

Een levensverhaal optekenen is doorgaans tijdsintensief, maar heeft een grote meerwaarde omdat de ervaringen van de verteller centraal staan. Het perspectief van een levensverhaal legt de focus op persoonlijke belevingen en gebeurtenissen. De open opzet van een levensverhaalinterview nodigt namelijk uit tot zelfreflectie en het leggen van verbanden tussen levensgebeurtenissen, wat in een conventioneel (semi-)gestructureerd interview niet zo makkelijk te verwezenlijken is. Een goede vertrouwensband tussen de onderzoeker en de deelnemer is dan ook van uiterst belang. Het leven van een persoon wordt op deze manier gezien als een boek met verschillende hoofdstukken, waarin de verteller zelf zijn of haar eigen accenten kan leggen.   

Een levensverhaal: meer dan één individueel leven   

Een levensverhaalinterview doet niet alleen recht aan de geleefde ervaringen van de verteller, maar geeft ook de verschillende sociaalmaatschappelijke invloeden weer die de levensloop van een persoon vormen, zoals culturele ideologieën, maatschappelijke tendensen en politieke overtuigingen. Iemand die bijvoorbeeld in de feministische jaren ’60 opgroeit, kijkt mogelijks anders naar thema’s als maatschappelijke participatie of kinderloosheid dan iemand die in dezelfde periode opgroeit in een conservatief huishouden. Daarnaast kan de combinatie van meerdere levensverhalen community life stories openbaren. Dat zijn levensverhalen van gemeenschappen, bijvoorbeeld binnen een wijk. Het gaat hier dan over gemeenschappelijke levenservaringen die het individuele levensverhaal overstijgenDe levensverhaalmethodiek kent dus heel wat potentieel en is een belangrijk middel voor kwalitatieve onderzoekers die de rijkdom en de relevantie van diverse levenservaringen in de verf willen zetten.  

Bas Dikmans en Toon Vercauteren zijn als doctoraatsonderzoekers verbonden aan het internationale CIVEX-project, gefinancierd door het Federaal wetenschapsbeleid (BELSPO). Ze bestuderen sociale uitsluiting van multidimensionale maatschappelijke participatie (zoals vrijwilligerswerk, politieke activiteiten, informele hulp, lidmaatschap van een organisatie, of digitale participatie) onder een diverse groep ouderen onder begeleiding van Prof. Dorien Brosens, Prof. Liesbeth De Donder, en Prof. Sarah Dury verbonden aan de faculteit Psychologie en Eduactiewetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel.

Hannelore Stegen is verbonden aan het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen (FWO) en onderzoekt de impact van redenen voor kinderloosheid op eenzaamheidsgevoelens doorheen het leven en in het latere leven onder begeleiding van Prof., Liesbeth De Donder en Prof. Eva Dierckx verbonden aan de faculteit Psychologie en Eduactiewetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel.

Als je geïnteresseerd bent in de rol van het levensverhaal in sociaalwetenschappelijk onderzoek, of je wilt meer weten over de onderzoeken die gebruik maken van de methode, neem dan zeker contact op met de onderzoekers. Zij staan je graag te woord: 

 
Bas Dikmans, Doctoraatsonderzoeker, +32 (0)474105629, bas.dikmans@vub.be Hannelore Stegen, Doctoraatsonderzoeker, +32 (0)477 09 94 12, hannelore.stegen@vub.be - Toon Vercauteren, Doctoraatsonderzoeker, +32 (0)497653148, toon.vercauteren@vub.be