Bikkelharde besparingen, aanhoudend studentenprotest over Gaza, post-covidellende: Jan Danckaert kan terugblikken op een pittig parcours als VUB-rector. Met vele obstakels en uitdagingen, maar tegelijk met tal van verwezenlijkingen en resultaten.
Een parcours dat in februari 2022 begon als rector ad interim, nadat de betreurde Caroline Pauwels door haar ziekte haar mandaat had moeten stopzetten. Volwaardig rector werd Danckaert pas na de vervroegde rectorverkiezingen en zijn overwinning tegen uitdager Dirk Devroey. In zijn allereerste openingsrede, op locatie in Abattoir in Anderlecht, zette hij meteen een duidelijke koers uit door voluit de kaart van de wetenschap te trekken.
In uw maiden speech in 2022 brak u een lans voor ‘science as a public good’. En u riep op om in te zetten op het soort wetenschap dat de wereld in transitie broodnodig heeft. U koppelde daar drie voorwaarden aan: doelgerichter onderzoek, grotere en meer slagkrachtige onderzoeksgroepen en academische carrières gestoeld op vertrouwen in plaats van onderlinge competitie. Is dat gelukt?
“We hebben absoluut al een deel gerealiseerd, maar sta me toe de context van toen te schetsen. We kwamen uit een bewogen periode. Ten eerste was er de instellingsreview: we waren de eerste instelling in Vlaanderen die zo’n doorlichting had doorlopen. Ik zat toen nog als vicerector Onderwijs en Studentenzaken mee aan tafel. We kregen toen te horen dat ons kwaliteitszorgsysteem voor onderwijs goed zat. Een dergelijk vertrouwen biedt meteen een meerjarenperspectief, want de volgende instellingsreview is pas voorzien in 2027. Ten tweede zat COVID nog heel vers in het geheugen. We zaten in de overgang van veel online onderwijs terug naar fysiek onderwijs. Dat was voor studenten én personeelsleden een intense omschakeling.
En ten derde was er het overlijden, kort na elkaar, van de twee oud-rectoren Caroline Pauwels en Paul De Knop. Dat hakte er bij iedereen in. In die omstandigheden ben ik aan mijn mandaat begonnen.
Ik wilde duidelijk maken dat ik als rector voor alle kerntaken van de universiteit sta, onderwijs inbegrepen. Maar we hadden net het groen licht voor onderwijs gekregen via de instellingsreview. En dus heb ik in die eerste openingszitting de nadruk gelegd op onderzoek en wetenschap, wat uiteraard niet betekent dat onderwijs voor mij minder belangrijk is. Beide zijn evenwaardige kerntaken van een universiteit.”
U zegt dat de verandering die u voor ogen had, deels gerealiseerd is. Laten we beginnen met schaalvergroting.
“We hebben echt een schaalvergroting kunnen doorvoeren bij de onderzoeksgroepen. We zijn van ongeveer 150 onderzoeksgroepen naar een negentigtal gegaan. Bijna de helft daarvan is echt groot, de andere helft wat kleiner — en dat is op zich geen probleem, want klein kan net zo goed excellent zijn. Belangrijker is dat we zijn afgestapt van een systeem waarin onderzoek te sterk rond individuele promotoren draaide. Onderzoeksgroepen hebben nu meer gewicht. Ze kunnen als groep rekeningen en middelen beheren, die zijn niet langer gekoppeld aan één persoon. Dat is een echte omwenteling.”
Zien we daar al effecten van?
“Ja, we zien dat die schaalvergroting begint te renderen, onder andere in externe financieringsaanvragen. Grotere groepen kunnen sterker naar buiten treden, richting FWO (Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek, nvdr), de Europese Commissie of andere financieringsbronnen.
Ik zie de impact van schaalvergroting op drie niveaus: impact binnen je eigen discipline, impact via internationale samenwerking en impact op de maatschappij. Voor dat laatste heb je vaak interdisciplinariteit en voldoende kritische massa nodig. En daar zien we nu meer voorbeelden van.”
Een van de belangrijkste uitdagingen van vandaag en morgen is de klimaatverandering.
“Inderdaad, en daar kunnen we vaststellen dat samenwerking en bundeling van expertise meer slagkracht geeft. Denk aan het House of Sustainable Transitions, aan FACT, de Flanders Alliance for Climate Technology of de sterke interdisciplinaire samenwerking die we zien rond water & climate. Maar ook in andere domeinen -zoals bijvoorbeeld in gezondheid- zorgt schaalvergroting voor meer impact, dankzij een grotere zichtbaarheid, meer slagkracht en sterkere onderzoeks-dossiers.”
Hoe zit het met dat andere punt dat u vier jaar geleden heeft gemaakt: minder competitie, meer vertrouwen.
“We hebben dat gerealiseerd via het ZAP-loopbaanbeleid. Het heeft wel langer geduurd dan ik in 2022 dacht, maar zulke veranderingen vragen nu eenmaal tijd, overleg en onderhandelingen met de sociale partners. We hebben uiteindelijk een akkoord bereikt en zijn het nu aan het uitrollen. Je ziet de nieuwe filosofie zelfs in de naamswijziging. Vroeger spraken we over ‘evaluatie- en bevorderingscommissies’. Voortaan gaat het over ‘feedback, evaluatie en bevordering’ — FEB. Het startpunt is een afsprakennota, op initiatief van het personeelslid. Op basis daarvan volgt dan regelmatige feedback, en pas dan kijken we naar evaluatie en eventuele bevordering, in lijn met de competenties en de doelen die de betrokken collega voor zichzelf stelt.”
Wat verandert er dan wezenlijk?
“We kijken voortaan breder dan individuele output. We kijken ook naar bijdragen in onderwijs- en onderzoeksteams, en naar engagement in interne bestuursorganen. Dat alles is essentieel als je competitie wil temperen en vertrouwen wil versterken.
De implementatie van het nieuwe ZAP-loopbaanbeleid is wel een grote operatie: afsprakennota’s opstellen in een instelling met zoveel personeelsleden doe je niet in een enkele maanden. Maar de trein is vertrokken. En in de raad van bestuur hebben we zopas ook het ATP-loopbaanbeleid goedgekeurd. Dat staat er nu dus aan te komen.”
Er is een nieuwe kijk op leiderschap: geen controlerende, maar coachende leiders.
“We willen een focus op coachend, begeleidend leiderschap. We voorzien niet alleen in opleiding en vorming bij beginnend ZAP, maar ook bij collega’s die meer beleidstaken opnemen. We willen dat leidinggevenden kunnen coachen, begeleiden en tijdig signalen oppikken.”
Toch blijven er gevallen van grensoverschrijdend gedrag en toxisch leiderschap opduiken.
“Het is work in progress. Ik denk dat we wel degelijk een cultuurverandering aan het realiseren zijn. Dat is al merkbaar. Maar als rector krijg je soms dossiers uit het verleden die opnieuw bovenkomen — en daar moet je dan correct en doortastend mee omgaan. Maar we hebben ons YANA-beleid - You Are Not Alone – uitgerold, we hebben het VUB-meldpunt versterkt en we hebben betere afspraken gemaakt in het ecosysteem rond welzijn en veiligheid: vertrouwenspersonen, opvolging, procedures. En we herbekijken dit academiejaar de samenstelling en werking van de tuchtcommissie.”
Moet de tuchtcommissie anders?
“We hebben geleerd uit concrete ervaringen. Melders worden in een vooronderzoek doorgaans wél goed gehoord, maar hebben het gevoel dat ze in de tuchtcommissie zelf onvoldoende aan bod komen. Omdat de leden van de tuchtcommissie misschien te veel vanuit een strikt juridisch perspectief naar een zaak kijken, en te weinig met het oog op het welzijn van de melders. Dat evenwicht moeten we beter krijgen. We gaan dus sleutelen aan de samenstelling en de werkwijze.”
Er gaan stemmen op om dossiers over grensoverschrijdend gedrag extern te laten behandelen. Bent u daar voorstander van?
“Ik sta open voor dat idee — dat heb ik ook publiek gezegd, in de reportage van VRT-Panorama over grensoverschrijdend gedrag aan de universiteiten. Tegelijk zie ik voor- en nadelen. Wij gaan in elk geval niet wachten op een grote systeemwijziging: we hervormen sowieso onze tuchtcommissie, en we zetten al meer externen in als eerste stap.
Maar volledig extern? Dan raak je aan de relatie werkgever-werknemer. Een extern orgaan kan aanbevelen, maar je zit wel met de arbeidswetgeving en ons arbeidsreglement. Het moet dus juridisch en organisatorisch kloppen, en dat vergt overleg met de overheid, met andere instellingen binnen de Vlaamse Interuniversitaire Raad en met de werknemers-vertegenwoordiging.”
Een andere grote pijler van uw rectorschap is Europa, U was een vroege pleitbezorger van de European University Alliances, en in het bijzonder van de EUTOPIA, de alliantie van tien universiteiten waarvan de VUB stichtend lid is. Alle EUTOPIA-partners waren trouwens aanwezig tijdens de opening van het academiejaar 2023-2024 in het Europees Parlement.
“EUTOPIA is inderdaad een verhaal waar we al vroeg in geloofden, toen nog met het team van Caroline Pauwels. We zijn gestart met zes partners en op vraag van de Europese Commissie hebben we uitgebreid naar tien. We hebben een central office uitgebouwd in Brussel, op onze Usquare-site, en we hebben van Europa groen licht gekregen voor de verlenging van het project. We zitten nu in de tweede fase, die loopt tot eind 2026. We maken momenteel werk van nog een verlenging met twee jaar. Daarna komt er vermoedelijk een nieuwe Europese call, maar de Europese Commissie en de lidstaten zijn nog aan het onderhandelen over de financiering en de werkwijze.”
Academische Opening in het Europees Parlement
Wat ziet u als de grootste troef van EUTOPIA, met zijn 280.000 studenten?
“De grootste meerwaarde is ons model van ‘connected communities’ — die vroeger ‘connected learning communities’ heetten. We hebben bewust bottom-up gewerkt, door mensen in bestaande opleidingen en onderzoekslijnen met elkaar te verbinden, zodat hun samenwerking organisch kon groeien. En onze studenten kunnen via die connected communities een unieke Europese leerervaring meekrijgen.
De uitdaging vandaag is verdere opschaling: meer impact genereren, meer zichtbaarheid via EUTOPIA-labels, en meer studenten bereiken, met op termijn ook joint degrees van meerdere EUTOPIA-partners.”
Het Europese verhaal is een waardenverhaal.
“Europa staat op een kantelpunt. Waarden waarop universiteiten gebouwd zijn — vrije uitwisseling van ideeën, internationale samenwerking, academische vrijheid — staan onder druk. Wetenschap wordt vaker in vraag gesteld. Net daarom zijn Europese universiteitsallianties zo belangrijk: samen kan je sterker opkomen voor die waarden.
Dat leeft sterk binnen de EU met de zogeheten fifth freedom: wetenschap en kennis als vijfde vrijheid (naast het vrij verkeer van goederen, diensten, mensen en kapitaal, nvdr). Het gaat hier om de Europese verankering van vrij onderzoek. Als sommige andere landen zich daarvoor afsluiten, kan Europa aantrekkelijker worden voor talent uit andere regio’s. Dat is een opportuniteit, maar ook een verantwoordelijkheid.”
De VUB heeft de hand gereikt naar wetenschappers uit de Verenigde Staten, die hun onderzoek bedreigd zien door de Trump-administratie. Waarom vindt u dat zo belangrijk?
“Omdat steeds meer onderzoekers in de VS – en ook elders - voelen dat bepaalde thema’s moeilijker worden, dat de financiering wegvalt, of dat de vrijheid van spreken en publiceren onder druk komt. Europa moet dan duidelijk maken dat vrij onderzoek voor ons een kernwaarde blijft. Wij hebben het voortouw genomen, en dat heeft veel aandacht gekregen in de Amerikaanse en internationale pers, tot in China toe. En een aantal wetenschappers uit de VS is op onze oproep ingegaan. Maar de procedures lopen momenteel nog.
Feest van de Vrije Geest
Het academiejaar 2024-2025 hebben we geopend met het Feest van de Vrije Geest in het Koninklijk Circus. De eigen waarden van de VUB stonden heel nadrukkelijk centraal, omdat de nieuwe, steeds diversere studentengeneraties niet altijd meer goed weten waar de universiteit voor staat.
“Je moet die waarden elk jaar opnieuw verduidelijken, zowel naar studenten als naar personeelsleden. Er is veel instroom en uitstroom: nieuwe collega’s, nieuwe studenten. Dat is goed maar daarom moet je blijven herhalen waar we voor staan, samen met onze zusteruniversiteit ULB: voor vrij onderzoek, vrije meningsuiting en open debat.
Iedereen is welkom, ongeacht achtergrond of levensbeschouwelijke overtuiging. Tegelijk vinden we dat religie tot het privédomein behoort. Dat vertaalt zich in het standpunt dat we geen gebedsruimtes faciliteren op de campus en er geen religieuze activiteiten mogelijk zijn. Dat is een keuze die bij onze historische profilering hoort.
Maar als je je wil profileren rond vrij onderzoek, moet je die methode ook telkens weer actualiseren. De maatschappelijke context verandert immers snel. Dat is een rol voor PACT, de Pauwels Academy for Critical Thinking. We hebben -ondanks de besparingen- middelen van binnen en buiten de VUB gebundeld om PACT een nieuw elan te kunnen geven.”
De VUB lag onder vuur tijdens de studentenprotesten rond Gaza. Studenten vonden de universiteit soms hypocriet. Hoe kijkt u daarop terug?
“De universiteit is een microkosmos. Wereldproblemen beroeren onze campussen, ook al door de internationale studentenpopulatie. Dat zagen we aan het begin van de oorlog in Oekraïne: we hebben toen naar de betrokken gemeenschappen de hand gereikt en ondersteuning aangeboden. Sommige studenten zagen zich plots afgesneden van hun financiële middelen.
Wat het Israëlisch-Palestijns conflict betreft, hebben we als universiteit al heel vroeg, in november 2023, een duidelijk standpunt ingenomen waarbij mensenrechten centraal stonden. We veroordeelden zowel de terreurdaden van Hamas als de absoluut disproportionele reactie van Israël. Samen met het Hannah Arendt Instituut kozen we de kant van het internationaal recht.”
Er was ook een lange bezettingsactie van de Stoa op de campus.
“Ik heb altijd geprobeerd het gesprek met de actievoerende studenten én collega’s open te houden: waar kunnen we overeenstemming vinden en waar niet. ‘Agree to disagree’ kan soms ook een conclusie zijn. Uiteindelijk is de bezetting voor de zomer van 2024 beëindigd.
Maar de verontwaardiging blijft groot bij een deel van de studenten en het personeel. Ik denk dat we in ons land als universitaire sector heel duidelijke standpunten hebben ingenomen. De samenwerking in de Vlaamse Interuniversitaire Raad en tussen de Belgische rectoren is trouwens uitstekend. Alle Belgische rectoren hebben samen de Europese Commissie opgeroepen om het associatieverdrag met Israël te toetsen aan de mensenrechtenclausules. Zo’n signaal kan tellen. Europa heeft daar – zij het veel te beperkt – gehoor aan gegeven wat het Horizon-onderzoeksprogramma betreft.
We hebben tegelijk al onze lopende projecten waar een Israëlische partner bij betrokken is, laten herevalueren door de ethische commissie. Toen er bij één project een duidelijk risico was op militaire ‘dual use’, hebben we een procedure opgestart om eruit te stappen — en dat is ons ook ook gelukt, als enige universiteit. We hebben nu nog drie dergelijke samenwerkingsprojecten, die in geen enkel opzicht aanleiding kunnen geven tot dual use. En bij de start van het academiejaar heb ik gezegd dat ik als rector geen enkele internationale samenwerkingsovereenkomst met een Israëlische partner meer zal ondertekenen, zolang er geen duurzame vrede is in Gaza én op de Westelijke Jordaanoever.
U heeft vanaf het begin bepleit dat de VUB een wendbaar schip moest worden dat stormen kan doorstaan. De universiteit had al groeipijnen – met een basisfinanciering die onvoldoende meegroeide - en daarbovenop kregen we de jongste besparingsgolf van de Vlaamse regering over ons heen. Had u vier jaar geleden verwacht dat onze wendbaarheid zo hard getest zou worden?
“Neen, niet in die mate. Niemand heeft de storm die wereldwijd is opgestoken écht zien aankomen — niet in België, niet in de VS, of elders. Maar het was toen wel al duidelijk dat we in instabiele tijden leefden. Dus ik blijf achter het principe van het begin van mijn rectormandaat staan: we moeten wendbaarder worden.
We hebben twee jaar intensief gewerkt aan een grondige hervorming van ons governance model. Er was een meerderheid voor in de Universiteitsraad, maar niet de tweederdemeerderheid die statutair nodig was. Dat is natuurlijk lastig, maar we hebben er veel uit geleerd. En sommige inzichten nemen we mee in de besparingsoefening die nu loopt.”
Wat kan u doorvoeren, zonder het goedgekeurde plan?
“We blijven kijken naar schaalvergroting, bijvoorbeeld in administratieve ondersteuning. Dat kan gaan over het clusteren van vakgroepsecretariaten of het poolen van secretariaten over faculteiten heen. Het is jammer dat het nu onder druk van de besparingen moet, in plaats van in een groeicontext, maar het kan ons wel helpen om sterker uit de transitie te komen.”
De Vlaamse regering heeft flink het mes gezet in onze middelen, meer dan tien miljoen euro minder, bovenop een al lopende besparingsoefening van 10 miljoen euro. Wanneer moeten de besparingsmaatregelen concreet landen?
“Alles moet landen in een aanpassing van de begroting 2026, die we begin maart voorleggen aan de Universiteitsraad. We zijn daarover momenteel in gesprek met de faculteiten, de centrale diensten, en de syndicale organisaties.”
Een ingrijpende evolutie tijdens uw rectorschap, was de wereldwijde doorbraak van artificiële intelligentie. Wat doet dat met een universiteit?
“AI als onderzoeksdomein bestaat al lang. De VUB was pionier met het AI Lab van Luc Steels, nota bene een taalkundige. Terwijl we vandaag net de doorbraak van AI zien met de Large Language Models. We mogen ons gelukkig prijzen dat we veel expertise hebben, ook in onze samenwerking met de ULB in het FARI-instituut – AI for the common good. We hebben verder een VUB-opdrachthouder voor AI aangesteld, met als focus de impact op onderwijs, onderzoek én onze bedrijfsvoering. We willen niet alleen onze eigen processen optimaliseren, maar met AI ook nieuwe dingen mogelijk maken.”
Wat verandert er in onderwijs?
“Veel. Evaluatievormen moeten we herbekijken. De inhoud van de studieprogramma’s zal veranderen, al denk ik niet meteen dat er richtingen zullen verdwijnen. AI biedt ook kansen: denk aan gepersonaliseerde AI-tutors in de leeromgeving, betere ondersteuning van studenten, andere vormen van begeleiding. Dit is niet zomaar ‘een tool erbij’, dit is een diepgaande en langdurige transformatie. Ik hoorde het een studentenvertegenwoordiger treffend verwoorden: ‘Sinds ik aan de universiteit studeer, is elk jaar fundamenteel anders: eerst COVID, dan post-COVID, en dan AI.’ De student heeft gelijk, het gaat allemaal bijzonder snel.”
En in onderzoek?
“AI versnelt onderzoek. Het is alsof elke wetenschapper een extreem krachtige assistent heeft — al moet je altijd kritisch blijven want die hallucineert soms. Maar je ziet wel dat er sneller geschreven wordt, dat onderzoeksaanvragen toenemen, dat workflows veranderen.”
Zijn er zaken waarvan u vier jaar geleden hoopte dat u ze sneller kon veranderen, maar waar het moeizamer ging?
“Studievoortgang blijft een grote uitdaging. Toen ik vicerector Onderwijs en Studentenzaken was, hadden we de studievoortgang kunnen bijbenen tot het Vlaamse gemiddelde. Dan kwam COVID. De studievoortgang steeg toen zelfs lichtjes, maar na de COVID-periode zagen we een zware terugval – aan de VUB nog forser dan aan andere universiteiten.
Daar komt bij dat onze studentenpopulatie steeds diverser wordt, en dat de Vlaamse regels rond studievoortgang zijn verstrengd. De ‘drempel’ waarbij studenten binnen twee jaar alle vakken van het eerste bachelorjaar moeten afleggen, kan voor sommige groepen zwaar doorwegen. We hebben nog te weinig verfijnde data om alle effecten goed te zien, maar er komt een evaluatie op Vlaams niveau. Het is absoluut een aandachtspunt.”
Een ander heikel punt is de verhouding tussen STEM en niet-STEM, te meer omdat STEM-studenten gunstiger gefinancierd worden. We zitten nu aan 30%.
“Dat aantal moeten we omhoog krijgen. Dat heeft te maken met studiekeuzes van studenten én met de vraag of ze voor STEM aan de VUB kiezen. We moeten daarom meer naar buiten brengen dat de VUB ook in STEM pionierend is: AI, ingenieurswetenschappen, klimaatwetenschap, noem maar op. Ook onze onderzoeksinfrastructuur helpt daarbij: de nieuwe Vlaamse supercomputer in ons researchpark in Zellik bijvoorbeeld, of de 7 Tesla MRI-scanner, die ook in Zellik staat. Wat we op ons research park aan het uitbouwen is trouwens indrukwekkend.”
En wat met de opleiding Geneeskunde? Ook daar blijft het vechten voor studenten.
“De samenwerking op de Brussels Health Campus tussen de faculteit Geneeskunde en Farmacie en het UZ Brussel loopt beter dan ooit. Dat is cruciaal: als je wil pionieren in gezondheid en innovatie, moet dat één verhaal zijn.
Het marktaandeel van de opleiding geneeskunde kan nog stijgen, ja. Daar moeten we op blijven inzetten. En we hebben in principe groen licht gekregen om Tandheelkunde op te starten, maar we bekijken nog of de financiële randvoorwaarden vervuld zijn — zeker in de huidige besparingscontext. Mochten we het doen, dan mikken we op september 2027.”
VUB Health Campus Jette
Waar bent u het meest trots op, als u de voorbije vier jaar overschouwt?
“Ik ben trots op hoe we wetenschap opnieuw heel centraal hebben gezet, én op hoe we die wetenschappelijke kracht koppelen aan maatschappelijke impact, op alle domeinen. Ik ben trots op ons nieuwe loopbaan- en welzijnsbeleid, voor alle personeelsleden. Ik ben ook trots op de Europese samenwerking, op EUTOPIA, en op de manier waarop VUB en ULB — als twee onafhankelijke instellingen — tonen dat intense samenwerking over de taalgrenzen kan. De Brusselse politiek kan nog wat van ons leren.
Wat heeft u het meest verbaasd?
“De toename van de polarisatie. De verharding van het debat. En het feit dat mensen soms niet meer aanvaarden dat verschillende meningen naast elkaar kunnen bestaan. Zo krijg je alleen maar wederzijdse criminalisering. Dat baart me zorgen, ook omdat we het op de campus zien toenemen.”