logo

Algemene gegevens

Hier vind je algemene informatie over de opleidingen psychologie aan de VUB.

Opleidingspagina

Klik door naar de opleidingspagina van de

  • Bachelor of Science in de psychologie (180 ECTS)
  • Master of Science in de psychologie (120 ECTS)

Leerresultaten

Klik door naar de beoogde leerresultaten van de

Cijfers

Klik door naar cijfergegevens die beschikbaar worden gesteld op de pagina 'Opleiding in cijfers' van de Vlaamse overheid, Onderwijs & Vorming:

KWALITEIT VAN DE OPLEIDINGEN PSYCHOLOGIE

De opleidingen psychologie leiden studenten op tot autonome en kritisch ingestelde praktijkwetenschappers die niet uitsluitend in een een-op-een relatie, maar in verschillende contexten kunnen werken. De afgestudeerden zijn bovendien gericht op evidence-based handelen en levenslang leren. De opleidingen maken gebruik van een waaier aan werk- en evaluatievormen, die logisch opgebouwd worden. De docenten zijn enthousiast en worden gewaardeerd door de studenten. De opleiding is populair, wat resulteert in een stijgend studentenaantal.

de studenten worden opgeleid tot autonome en kritisch ingestelde praktijkwetenschappers in verschillende contexten

Leerresultaten en profilering

De leerresultaten van de opleidingen psychologie werden herzien in de loop van academiejaar 2015-2016. Bij deze herziening werd rekening gehouden met afstemming op Art. II.141 uit de Codex Hoger Onderwijs en de Vlaamse Kwalificatiestructuur, op de vijf pijlers van de Visie op Onderwijs en op de internationale vereisten. Bovendien werd gezorgd voor afstemming op de “Advisory Report of the Superior Health Council no. 9194: Definition of and competency profile for clinical psychology in Belgium”. Aan de leerresultaten werd een beknopte visietekst toegevoegd die drie rollen voor de psycholoog bepaalt: evaluator, begeleider en onderzoeker. De visietekst bij de leerresultaten spreekt over het belang van context, van het koppelen van theorie en praktijk en van het eigen welzijn.

De studenten worden opgeleid tot autonome en kritisch ingestelde praktijkwetenschappers die in verschillende contexten zoals in een gezin, school, groep, koppel, als collega, in een team, organisatie of culturele groep) kunnen werken. Omdat de opleidingsraad veel belang hecht aan levenslang leren, eindigt de opleiding strikt genomen niet na vijf jaar, maar worden afgestudeerden verder ondersteund via permanente vorming.

in de eerste jaren wordt voornamelijk gewerkt via hoorcolleges aan grote groepen studenten, wat in de hogere jaren evolueert naar kleinere groepen, verdiepende inhouden, meer werkstukken, gevalsstudies, discussies en ten slotte een stage

Curriculum

Het curriculum is logisch opgebouwd en geeft een duidelijke ontwikkeling in werk- en evaluatievormen aan in het onderwijs doorheen de vijf jaren van de opleiding: de eerste jaren wordt voornamelijk gewerkt via hoorcolleges aan grote groepen studenten, wat in de hogere jaren evolueert naar kleinere groepen, verdiepende inhouden, meer werkstukken, gevalsstudies, discussies en ten slotte een stage.

In het derde jaar van het modeltraject van de bacheloropleiding kiezen studenten opleidingsonderdelen uit twee profielen om hen voor te bereiden op de keuze voor één van beide afstudeerrichtingen in de master. Studenten kiezen uit: (1) levenslooppsychologie; (2) cognitieve en biologische psychologie; (3) opvoedings- en gezinspsychologie; en/of (4) arbeids- en organisatiepsychologie. In de master kiezen studenten ofwel voor de afstudeerrichting arbeids- en organisatiepsychologie; ofwel voor de afstudeerrichting klinische psychologie. Binnen laatstgenoemde afstudeerrichting bestaan drie profielen: biologische psychologie, levenslooppsychologie, en opvoedings- en gezinspsychologie.

Recente ontwikkelingen inzake wetgeving hebben hun invloed op het curriculum: anticiperend op wet 4/4/14 werden de opleidingsonderdelen Deontologie en Klinisch Psychologisch Interveniëren I en II ingevoerd. Dit komt ook tegemoet aan de vraag van studenten naar meer praktijkgerichte opleidingsonderdelen.

 Tijdens academiejaar 2015-2016 werden voor zowel de bachelor- als de masteropleiding opleidingsmatrices ingevuld. Deze werden besproken door de commissie onderwijs en voorgesteld aan de opleidingsraad PE. Uit de matrices blijkt dat dat alle leerresultaten afgedekt worden en dat er voldoende samenhang, variatie en evolutie merkbaar is in de leerresultaten, werkvormen en evaluatievormen. Uit de focusgesprekken met zowel bachelor- als masterstudenten blijkt dat studenten over het algemeen tevreden zijn over het aangeboden curriculum.

Evaluatiebeleid

Het evaluatiebeleid wordt steeds nauw opgevolgd en indien nodig bijgestuurd. Het evaluatiebeleid wordt afgestemd op de generieke uitgangspunten van het onderwijs: tijdens de eerste jaren worden schriftelijke examens (al dan niet meerkeuze) afgenomen. Naarmate de opleidingsonderdelen meer verdiepend worden, wordt van studenten verwacht dat ze werkstukken schrijven en presenteren. Uiteindelijk mondt dit uit in een stage en masterproef. Voor deze masterproef zijn er richtlijnen en beoordelingsformulieren beschikbaar.

Tevredenheid studenten

In de studentenfeedback beoordelen de studenten hun onderwijs. Hieronder worden de resultaten weergegeven voor de laatste twee semesters waarvoor resultaten beschikbaar waren bij het opstellen van dit rapport.

In het algemeen geven de studenten in de bachelor en de master hun opleiding een goede score, met een cijfer van 7 of hoger.

Bachelor Psychologie

Deelname:

2016-2017 semester 2: 21,2% (138/651)

2017-2018 semester 1: 19,54% (127/650)

 

Master Psychologie

Deelname:

2016-2017 semester 2: 16,81% (76/454)

2017-2018 semester 1: 18,26% (88/482)

studenten zijn tevreden over hun docententeam

Docenten

De opleidingen beschikken over 16,35 VTE, verdeeld over zowel voltijdse als deeltijdse mandaten.

Het onderwijsteam bestaat uit geëngageerd personeel dat praktijk en theorie samenbrengt, met een brede internationaal wetenschappelijke en maatschappelijk erkende expertise. In de focusgesprekken met studenten blijkt dat zij tevreden zijn over de docenten. Het docententeam blijft investeren in hun onderwijs door het implementeren van alternatieve werkvormen (o.a. webinars, zelfstudieopdrachten, oefensessies, het gebruik van fora via het leerplatform,…).

De docenten nemen deel aan onderwijsprofessionalisering. Sinds het najaar van 2015 moet het zelfstandig academisch personeel beantwoorden aan de vereisten die beschreven worden in de competentietoets.

Voorzieningen en studiebegeleiding

Zowel in de opleiding als door Studiebegeleiding is er aandacht voor de begeleiding van studenten. Studenten kunnen steeds terecht bij de studiebegeleiders en de studietrajectbegeleider. Er bestaat een goede samenwerking tussen de opleidingsraad en Studiebegeleiding. Het focusgesprek met de studenten toont aan dat zij erg tevreden zijn over de manier waarop docenten trachten om de leerstof bevattelijk te maken. Ook ervaren zij de begeleiding voor de masterproef vanaf het eerste masterjaar als erg positief.

De opleidingsraad heeft opleidingsbrede richtlijnen voor studiemateriaal en er wordt in samenwerking met ACTO een leerlijn rond academisch taalgebruik uitgewerkt.

In heel wat opleidingsonderdelen is er via kleine ingrepen ruimte voor differentiatie, ook al worden de lessen georganiseerd voor grote studentengroepen.  Ook verwachten docenten dat studenten actief aanwezig zijn in de lessen. Doorheen de opleiding wordt die actieve houding steeds belangrijker aangezien de studenten in de stage volledig zelf aan de slag moeten.

uit de studentenmonitor blijkt het profiel van de instromende generatiestudenten erg divers te zijn

Instroom

Na een lichte terugval tijdens academiejaar 2015-2016 is er opnieuw een toename te noteren in de instroom van de generatie- en bachelorstudenten. Ook de zij-instroom is aanzienlijk, net als het aantal masterstudenten.

Uit de studentenmonitor blijkt het profiel van de instromende generatiestudenten erg divers te zijn op het vlak van vooropleiding (type secundair onderwijs), aantal uren wiskunde in de vooropleiding en thuistaal. In het kader van het project startvereisten werden algemene academische vaardigheden geïdentificeerd en onderzocht, met name academische taalvaardigheid, studievaardigheden en studiemotivatie. Daarnaast werd de verwachte voorkennis voor wiskunde geïnventariseerd en werd een bijbehorende toets opgesteld die studenten toelaat na te gaan of ze over de nodige voorkennis beschikken. Toekomstige studenten krijgen de kans deze toets af te leggen op de campus tijdens infodagen en op een aantal andere momenten. De bedoeling is om de startvereisten met betrekking tot wiskundekennis en algemene academische vaardigheden duidelijk te communiceren op de online opleidingspagina’s.

Studiesucces

In academiejaar 2015-2016 bedroeg het studierendement van de bachelorstudenten 80% en van de masterstudenten 89%. Het studierendement van de generatie- en bachelorstudenten is goed en volgt de globale VUB-trend voor beide groepen. De drop-out ratio is conform de ratio voor bacheloropleidingen aan de VUB in het algemeen. De doorlooptijd is goed en zelfs iets beter dan het VUB-gemiddelde voor bacheloropleidingen.

Het studierendement van de masteropleiding situeert zich boven het studierendement van masteropleidingen aan de VUB in globo, maar blijft nog onder het Vlaamse gemiddelde. De evolutie is positief. Het aantal studenten dat de masteropleiding in 3, 4 of 5 jaar afrondt is hoger dan het VUB-gemiddelde.

Het studierendement van werkstudenten in de bachelor- en masteropleiding varieert sterk over de jaren heen. Het studierendement in het schakelprogramma en voorbereidingsprogramma is goed. Het aantal opgenomen studiepunten ligt zowel voor de bachelor- als de masteropleiding ruim boven de Soetenorm.

een aantal docenten staan ook in de praktijk, wat een nauwe band met het werkveld garandeert

Uitstroom, alumni en relatie met het werkveld

Een aantal docenten staan ook in de praktijk, wat een nauwe band met het werkveld garandeert. Alle studenten uit beide afstudeerrichtingen lopen stage in het laatste jaar van de masteropleiding.

Vanuit de afstudeerrichting klinische psychologie worden verschillende permanente vormingen (PEV) georganiseerd vanuit het belang dat gehecht wordt aan het ondersteunen van levenslang leren. Het aantal PEV’s neemt gestaag toe. Zo worden reeds de PEV’s Eerstelijns psychologische zorg, Forensische psychiatrie en psychologie, Klinische neuropsychologie, Klinische psychodiagnostiek bij kinderen, Klinische psychodiagnostiek bij volwassenen en Relatie en gezinstherapie georganiseerd.  Binnen de afstudeerrichting arbeids- en organisatiepsychologie bestaat de traditie van het aanbieden van permanente vorming nog niet.

Er wordt contact gehouden met de alumni via de permanente vorming, stages en in enkele gevallen via gastcolleges. De opleidingsraad onderzoekt in samenwerking met MARCOM welke verdere initiatieven nog ondernomen kunnen worden in het aantrekken van alumni.

Er bestaan reeds heel wat vormen van samenwerking met het werkveld. Naast de stages zijn er al samenwerkingen geweest in het kader van individuele opleidingsonderdelen. Zo voerden studenten vrijwilligerswerk uit in een organisatie en ontwikkelden ze selectietesten voor een kleine vzw. Ook was er in het verleden een samenwerking met een farmaceutisch bedrijf.

de docentengroep plant in de toekomst, in overeenstemming met de beleidslijnen van de VUB, meer in te zetten op de grootstedelijke context en op diversiteit

Internationalisering

De leerresultaten van zowel bachelor- als masteropleiding psychologie verwijzen naar internationale aspecten: het verwerken van internationale wetenschappelijke literatuur, aandacht voor culturele diversiteit in normen, waarden en voor individuele verschillen tussen mensen, en het leren werken in een multidisciplinaire professionele omgeving. Tijdens de lessen wordt gebruik gemaakt van internationale literatuur en worden er buitenlandse gastdocenten uitgenodigd. Een beperkt aantal opleidingsonderdelen wordt in het Engels aangeboden.

Studenten krijgen informatie over mogelijkheden met betrekking tot studentenmobiliteit. Jaarlijks zijn er een 30 à 40-tal uitgaande studenten. Het aantal uitgaande studenten stijgt, maar de Europese en Vlaamse streefcijfers worden nog niet behaald.

De docentengroep plant in de toekomst, in overeenstemming met de beleidslijnen van de VUB, meer in te zetten op de grootstedelijke context en op diversiteit. Momenteel is de opleiding reeds op verschillende manieren betrokken bij Brusselse instellingen en bedrijven. Zowel voor stages als voor opdrachten in het kader van opleidingsonderdelen worden studenten geconfronteerd met de Brusselse context. Ook op het vlak van onderzoek bestaan er samenwerkingsverbanden. 

Communicatie

Uit het focusgesprek bleek dat studenten over het algemeen tevreden zijn over de communicatie. 

Werking opleidingsraad

De opleidingsraad bevordert en bewaakt de kwaliteit van de opleidingen. De opleidingsraad tekent de visie uit en formuleert onder meer voorstellen over de inhoud, de vorm, de samenhang en de studeerbaarheid van de programma’s.

De opleidingsraad PE is gemeenschappelijk voor de opleidingen bachelor en master in de psychologie, bachelor en master in de agogische wetenschappen en master in de onderwijskunde/Educational Sciences. Sinds academiejaar 2015-2016 bestaat ook een aparte commissie onderwijs voor de opleidingen psychologie. De opleidingsraad PE en de onderwijscommissie functioneren goed en komen regelmatig samen.

 

---------------------------------------------------

Dit rapport is gebaseerd op de resultaten van een kwaliteitsbeoordeling, die plaatsvond op 7 maart 2017.  Hierbij waren vertegenwoordigers van de opleidingsraad aanwezig, inclusief studenten, naast interne en externe peers en experten.

Tekst goedgekeurd door de Academische Raad op 21 oktober 2019.