Elke Van Hoof - Klinisch psycholoog en professor gezondheids en medische psychologie en eerstelijnspsychologie VUB & voorzitter van de werkgroep ‘mentale impact van COVID-19’ in de Hoge Gezondheidsraad.
De nieuwe sanitaire maatregelen dreigen een mentaal slagveld achter te laten bij de bevolking. Net wanneer men dacht zich te bevrijden uit de ketens van de pandemie, slaat deze ongekend hard terug. Elke nieuwe golf blijft ons verrassen en dwingt ons opnieuw te doen wat moet: ons aanpassen. “Als het tij verloopt, verzet men de bakens” – maar het verzetten van die bakens is niet altijd even makkelijk voor iedereen.
Dit opiniestuk verscheen eerder op demorgen.be. Auteur: Elke Van Hoof, professor gezondheids en medische psychologie aan de VUB.
We hebben met zijn allen te lang de mensen die zich niet goed in hun vel voelen in een hoekje geduwd. Het is nu vijf nà twaalf. We moeten nu, naast de maatregelen om de vierde golf halt toe te roepen, de aandacht leggen op sensibilisatie, detectie, zelfredzaamheid en samen bouwen aan veerkracht. Om de bakens telkens weer te verzetten en ons te blijven aanpassen moeten we ook op het vlak van welzijn samen afspraken maken.
In ‘het rijk van de vrijheid’ verbeterde het mentale welzijn van de meerderheid van de bevolking snel. De zomer gaf de nodige zuurstof waardoor we konden openbloeien, en onszelf weer ontplooien. Vandaag krijgen we opnieuw een klap in het gezicht. Waar de meesten onder ons dachten dat we in een opwaartse beweging zaten door de vlotte vaccinatiecampagne lijkt dat rijk van de vrijheid nu opnieuw gesloten. Met de recente verstrengingen en de feestdagen in het vooruitzicht stijgt de angst voor een horrorscenario, en de angst voor eenzaamheid opnieuw. Het is vooral die onwetendheid over wat de toekomst zal brengen die mensen parten speelt op vlak van mentaal welzijn.
De coronacrisis versterkte sociale ongelijkheden. Er is een welzijnsongelijkheid ontstaan.
We leven we in deze eeuw, waarin de technologische revolutie centraal staat, in een constante staat van aanpassing en raken daar niet aan gewoon. Aanpassen blijft stress met zich meebrengen. De corona pandemie drijft die spanning nog op door de vele onzekerheden en het gebrek aan voorspelbaarheid en een jojo aan steeds verwarrende maatregelen. Dit zet ons mentaal welzijn onder druk. Hoe strikter de te volgen maatregelen en hoe langer we de te volgen maatregelen dienen aan te houden, hoe groter de impact op het mentaal welzijn. Het gebrek aan keuzevrijheid, de onzekerheid van wat de toekomst brengt en het gemis aan menselijke interactie, eisten zijn tol.
Tijdens de eerste drie golven leverde elke Belg enorme inspanningen om ze te trotseren. Maar het lichaam is nu uitgeput. Ongeveer één op vier Belgen is in ademnood, de batterij staat in het rood. Deze cijfers liggen in sommige bevolkingsgroepen zelfs veel hoger, zij hebben meer te lijden onder geestelijke gezondheidsproblemen. Denk bijvoorbeeld aan kinderen en adolescenten, mensen die al bestaande aandoeningen hebben of mensen met een lagere sociaaleconomische status.
Sommige mensen ploeteren al een tijdje, voor sommigen is dit de druppel.
De coronacrisis versterkte sociale ongelijkheden. Er is een welzijnsongelijkheid ontstaan. Ook het gebrek aan sociale interactie tijdens een periode van lockdown werkt dit in de hand, dit gebrek wordt met de nieuwe verstrengingen enkel vergoot. Vooral mensen die nu al maanden kampen met financiële onzekerheid, zijn nu extra kwetsbaar. Die specifieke groepen hebben het dus moeilijker en dat moeten we vooral erkennen en aanpakken.
Niet iedereen is op dit moment oké. Sommige mensen ploeteren al een tijdje, voor sommigen is dit de druppel. Het moedigste wat we met z’n allen kunnen doen, is hulp vragen op momenten waarin we zelf geen perspectief meer zien. En dat is een gedeelde verantwoordelijkheid. Het is aan ieder van ons om aan te geven dat men in ademnood zit. En dus moeten we inzetten in leren detecteren van wanneer stress ziekmakend wordt bij jezelf en bij anderen. En wanneer iemand dan aangeeft dat hij of zij mentaal op is, heeft hij of zij recht op een luisterend oor. En sterker nog: verdient deze hulpvraag een goed antwoord. Een strategische aanpak rond sensibilisatie en preventie dringt zichzelf op.