logo

Tussen de boeken en de politiek


Van kernfysicus naar politieker tot kinderboekenauteur, een verhaal dat uit een boek zou kunnen komen.

Beroep
Auteur, politicus en fysicus

Geboren
15 november 1931, Kamperveen

Nationaliteit
Nederlander

De juiste koers houden


Koers proberen houden gaat gepaard met vlagen van wind mee en wind tegen. Soms klopt het plaatje voor geen meter. Soms vallen de puzzelstukjes in elkaar.

Vrijwillig verbannen naar Siberië


Met zijn boek 'Pjotr: vrijwillig verbannen naar Siberië', maakt Jan Terlouw zijn debuut in de wereld van de kinderboeken.

1964
Doctoreert in de kernfysica

1981-1982
Jan Terlouw wordt vice premier

1991
Prijs van de Nederlandse kinderjury

Man van veel woorden

15 november 1931. In het Nederlandse Kamperveen wordt Jan Cornelis Terlouw geboren. Het gezin verhuist regelmatig en belandt in Wezep, een dorp aan de Veluwe, als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt. Jan is van zeer dichtbij getuige van de deportatie van een klasgenootje en moet regelmatig schuilen voor de bombardementen.  

De periode maakt een onuitwisbare indruk op de jonge Jan. Duitse legerofficieren nemen hun intrek in het huis van de Terlouws en Jan zelf helpt tijdens de Hongerwinter voorbijtrekkende mensen, op zoek naar eten en een beter leven. 

Ook al moet Jan zijn studies tijdens WOII onderbreken, toch behaalt hij in 1956 zijn diploma wiskunde en natuurkunde aan de Utrechtse universiteit. Hij vervult gedwee zijn dienstplicht en stort zich in 1958 op wetenschappelijk, natuurkundig onderzoek in Nederland, de VS en Zweden.  Hij zou dat 13 jaar lang doen. In 1964 doctoreert hij in kernfysica. Hij doet onderzoek naar het vreedzame gebruik van de energie van de atoombom. 

1966. Jan Terlouw kan de lokroep van de politiek niet negeren en sluit zich aan bij de partij D66. Hij belandt in de Utrechtse gemeentepolitiek waar hij de burger zoveel mogelijk bij alles wil betrekken. Na de verkiezingen wordt hij fractievoorzitter en focust zich op de milieuproblematiek.  

Ondertussen heeft ook de schrijfmicrobe hem ferm in de greep. Jan vertelt dagelijks zelfverzonnen verhalen aan zijn kinderen, die aan zijn lippen hangen. Het is zijn vrouw die erop aandringt om ze neer te pennen en ermee bij een uitgeverij langs te gaan. In 1970 debuteert Terlouw met 'Pjotr: vrijwillig verbannen naar Siberië'. 

Jan Terlouw is zodanig geïnteresseerd in politiek dat hij zijn wetenschappelijk werk vaarwel zegt. Na de verkiezingen van 1971 vindt Jan zichzelf terug in de Tweede Kamer. Hij blijft er tot 1981 en buigt zich vooral over de thema’s economie, energie en milieu. In ’73 volgt hij Hans van Mierlo op als fractievoorzitter. In tegenstelling tot deze laatste, is Terlouw geen fan van intensieve samenwerkingen met progressieve partijen zoals de PvdA en dat traject valt stil. 

Omdat D66 geen al te hoge ogen gooit, is er sprake van een opheffing van de partij. Maar het tij keert en Terlouw stelt zich opnieuw beschikbaar als lijsttrekker voor de Tweede Kamerverkiezingen van 1977. Uiteindelijk regeert de partij niet mee. Het is de tijd van de oliecrisis en de kruisrakettenkwestie. Terlouw stuurt op een compromis aan: de plaatsing ervan uitstellen en onderhandelen met de Sovjet-Unie over wapenvermindering. 

Even terug naar het schrijverschap. In ’78 publiceert Terlouw 'De derde kamer', dit keer een roman voor volwassenen. Hij waagt zich trouwens aan nog meer non-fictie voor deze doelgroep. Zijn bekendste werk is het politiek dagboek 'Naar zeventien zetels en terug', over de politieke periode ’81-’82.   

Toen, die bewuste jaren, tijdens het kabinet-Agt II en III, wordt Terlouw minister van Economische Zaken en vicepremier. Maar de sfeer is niet wat het zijn moet en interne onenigheden stapelen zich op. De nieuwe verkiezingen lopen slecht en Terlouw staakt het voorzitterschap van D66 en treedt af als demissionair minister. 

Het is 1983 en Jan Terlouw gaat in Parijs werken als secretaris-generaal van de Conferentie van Europese transportministers; hij wil het transport tussen West-Europese (en later ook Oost-Europese) landen verbeteren. In 1991 wordt hij commissaris van de Koningin in Gelderland – de eerste D66’er met dergelijke functie - en eind 1996 kiest hij voor zijn welverdiend pensioen.  Hij blijft nog wel wat actief in politieke nevenfuncties en voorzitterschappen van voornamelijk natuurorganisaties en als een man van veel woorden, houdt hij lezingen her en der. 

Terlouws boeken blijven een constante doorheen heel zijn carrière. 'Oorlogswinter' is gebaseerd op zijn eigen ervaringen tijdens WOII. Hij stelt in zijn schrijfsels ook eigentijdse problemen aan de kaak en steekt zijn politieke interesse niet onder stoelen of banken. Terlouw verspreidt al verhalend een boodschap van democratie, het vrije woord, liberalisme en anti-extremisme. Hij wil tonen dat je problemen langs alle kanten moet bekijken voor je beslissingen neemt. 

Terlouw schreef eerder al samen met zijn dochter Sanne, maar het ontbrak hem aan tijd, daar in die woelige jaren ’80. Sinds 2006 komt daar verandering in en verschenen er van vader en dochter zeker zes boeken. 

In een interview in 2012 zegt Terlouw dat hij geen kinderboeken meer wil schrijven; de wereld van de jeugd, vol computerspelletjes en mobiele telefoons, staat te ver van hem af. Hij wil niet geforceerd overkomen. Maar toch, in 2016, ligt er 'Het hebzuchtgas', een vervolg op 'Koning van Katoren', in de winkelrekken. 

In 2018 toont Terlouw voor het eerst zijn dichterlijke kant met de bundel 'Gedichte gedachten'. 

VUB Eredoctoraat

In 2017 overhandigt rector Caroline Pauwels het eredoctoraat aan Jan Terlouw.

Geëerd voor woord en daad

De man heeft niet alleen in zijn politieke loopbaan maar ook via zijn schrijverschap blijk gegeven van een grote maatschappelijke betrokkenheid en een kritische, rechtvaardige geest. Hij sluit de ogen niet voor actuele (klimaat)problemen en laat zijn stem horen voor meer duurzaamheid. Met hem krijgen nog vier andere geëngageerde wetenschappers een doctor honoris causa. De eredoctoraten staan dit jaar in het teken van 'Break down the walls'. Omdat alleen door (wetenschappelijke) muren te slopen, maatschappelijke en wetenschappelijk problemen opgelost geraken. 

“Humans are as consequent as a magic ball and as predictable as a tsunami and sometimes they’re suddenly right.”

Of de mens uitblinkt in homogene consequentie? Niet echt. Onze soort is niet geprogrammeerd om voorspelbaar te zijn. Daarvoor is iedereen te anders, te uniek en het leven bijwijlen te grillig. Koers proberen houden gaat gepaard met vlagen van wind mee en wind tegen. Soms klopt het plaatje voor geen meter. Soms vallen de puzzelstukjes in elkaar. Iedereen heeft ooit, wel eens, gelijk. Iedereen heeft ooit, wel eens, ongelijk.